Het Beeld

Dit jaar dreigt voetbaldeskundige Jan Mulder door het Nederlands elftal in het zwembad gegooid te worden, zoals in 1974 Volkskrant-zwartkijker Ben de Graaf. De spanning tussen sportvedettes en media loopt hoog op in de Algarve, al was het maar omdat men zich verveelt en er elke dag over niks uitgezonden moet worden.

Onder de kijkers van Villa BVD vindt 64 procent dat de door Mulder dagelijks bekritiseerde bondscoach niet te hard wordt aangepakt. Na eerst herhaaldelijk de angsthazerige houding van Advocaat te hebben gehekeld, die bij een ontmoeting met Frits Barend op zijn beurt oud-international Mulder `een zakkenvuller' noemde, die ,,spuugt in de ruif waar hij uit eet'', deed Mulder een rake observatie: de rol van trainers wordt in het algemeen schromelijk overschat. Echt grote spelers luisteren niet eens naar hun tactische praatjes, maar doen zelf wat nodig is.

Het geldt ook een beetje voor de verhouding tussen acteurs enerzijds en regisseurs en scenarioschrijvers anderzijds, zo bewijst ook dit seizoen weer het programma De vloer op (HUMAN). Op instructie van regisseur Peter de Baan improviseren daarin Nederlands topacteurs scènes met elkaar. Het resultaat is altijd aardig, maar briljant als je hecht bevriende spelers laat improviseren in de huid van personages die ze eerder samen hebben vertolkt. De vier vrienden uit het door Maria Goos geschreven toneelstuk en telefilm Cloaca zijn bijna klassieke helden geworden: de laffe politicus Joep (Gijs Scholten van Aschat), de narcistische theaterregisseur Maarten (Jaap Spijkers), de radeloze sjoemelambtenaar Pieter (Pierre Bokma) en de ritseladvocaat Tom (Peter Blok). Ze hebben nauwelijks meer aanwijzingen nodig om ook zonder Goos' tekst of Willem van de Sande Bakhuyzens regie te kunnen schitteren.

Je siddert als Maarten en Pieter beredeneren of je de dochter van Joep van achttien, met wie Maarten het bed deelt, nog een kind moet noemen. Thuis slaapt ze met beren, maar wel heel grote beren. Evenals bij de dialoog tussen Pieter en Joep over de `euthanasie party' voor ene Fedor, die Joep hinderlijker homoseksueel vindt dan Pieter. En bij de woedeaanval van de politicus tegen de theatermaker die met zijn dochter vrijt: ,,Ik maak je kapot, jij krijgt nooit meer subsidie!''

Het zou betaalbaar kwaliteitsdrama opleveren, elke week een improvisatie van dezelfde acteurs in deze rollen. Gisteren kreeg de lang geleden opgenomen aflevering nog meer reliëf doordat Bokma eergisteren de Albert van Dalsumring doorgaf aan Scholten van Aschat, en het bloemetje van Pieter voor Joep achteraf meer ging betekenen dan een loze geste.

Het is jammer dat de netcoördinator van Nederland 3 Gijs Scholten van Aschat een grachtengordelacteur vindt. Dat is net zo dom als het Filmfonds dat een script voor een bioscoopfilm naar Goos' Oud geld afwees, omdat de commissieleden te weinig tv keken.

De moraal is dat het belang van dramatische structuur in Nederland wel eens overschat wordt en dat spelers gewoon moeten spelen, desnoods met was in de oren voor coaches en bobo's.