Harde kritiek op financiële waakhond

De Algemene Rekenkamer is bijzonder kritisch over het functioneren van de financiële toezichthouder Autoriteit Financiële Markten (AFM). Het toezicht is afwachtend, reactief en niet voldoende effectief.

Dit blijkt uit een vanochtend gepubliceerd rapport van de Rekenkamer. Het onderzoek past in de verhoogde aandacht van de Rekenkamer voor het functioneren van (nieuwe) toezichthouders in Nederland.

Volgens de Rekenkamer heeft de AFM, in 2002 ontstaan uit de Stichting Toezicht Effectenverkeer (STE), te weinig informatie over ,,oneerlijke effectenhandel''. De Rekenkamer vreest het risico dat marktmisbruik ongestraft blijft en noemt de pakkans laag voor beleggers die handelen met voorkennis of die koersen manipuleren. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat ,,bij 3 tot 4 procent van het handelsvolume'' sprake zou kunnen zijn van handel met voorwetenschap. In het afgelopen jaar deed AFM slechts zesmaal aangifte van misbruik van voorwetenschap. Volgens de Rekenkamer hebben AFM en het ministerie van Financiën nooit onderzoek gedaan naar het risico van ,,marktmisbruik''.

In een reactie zet AFM vraagtekens bij deze schatting van de omvang van handel in voorwetenschap. Het door de Rekenkamer genoemde percentage van misbruik kan volgens AFM ,,slechts met de nodige reserves'' worden gebruikt. De toezichthouder beschikt niet over informatie over de pakkans van frauderende beleggers. De toezichthouder is in grote lijnen met het rapport eens, maar tekent wel aan dat de bevindingen van het onderzoek uit 2003 afkomstig zijn. ,,Ik wil het onderzoek niet bagatelliseren, maar dit en volgend jaar verandert er veel'', stelt een woordvoerder. Nieuwe wetgeving, waar het ministerie van Financiën aan werkt, moet de armslag voor AFM vergroten.

De Rekenkamer noemt het handhavingsbeleid, om oneerlijke effectenhandel te voorkomen, ,,afwachtend'' en ,,reactief'' omdat de autoriteit zich voornamelijk baseert op de informatie van derden. Het sanctiebeleid is ,,nog niet voldoende effectief'', wat deels het gevolg is van het lage aantal boetes (,,nagenoeg nihil'') voor handel met voorkennis.

Volgens het rapport zijn de openbare registers, waarin beurstransacties moeten worden gemeld, niet op orde. Zo waren grotere aandeelhouders in 2002 140 maal te laat (37 procent van de gevallen) met de verplichte melding dat hun belang was gewijzigd. Slechts in twee gevallen werd hiervan aangifte gedaan bij het openbaar ministerie. Noch het ministerie van Financiën noch AFM heeft gegevens over de betrouwbaarheid van dergelijke openbare registers.

De AFM bestrijdt dat zij te weinig preventief opereert. De AFM zegt geregeld risico's bij bedrijven en beleggers te ontdekken nog voordat er problemen ontstaan. Wel overweegt de AFM meer preventieve controles uit te voeren.

AFM : pagina 13