Hulp past niet in agenda Soedan

Hulp aan de inwoners van de westelijke regio Darfur stuit op de vijandige houding van de Soedanese regering: zij heeft haar eigen agenda, wat de vluchtelingen betreft.

Ontmoedigd komen de hulpverleners terug van een bezoek aan enkele honderden ontheemden in de stad Zalingei in de West-Soedanese regio Darfur. Vandaag hadden ze voedsel willen distribueren voor ondervoede kinderen. ,,Voor de tweede keer in korte tijd weigerde de districtbestuurder dat'', zucht een van hen. ,,De regering heeft haar eigen agenda voor de ontheemden en onze hulp past daar niet in.''

De hulporganisaties zijn slecht voorbereid op de grootschalige crisis in Darfur. De Soedanese regering wenste tot voor kort geen pottenkijkers, hulporganisaties realiseerden zich pas in een laat stadium hoe omvangrijk de behoeften waren en relaties tussen overheid en buitenlandse hulpverleners zijn ronduit vijandig. ,,Ja, onze respons kwam laat'', erkent het hoofd van een grote organisatie van de Verenigde Naties in de hoofdstad Khartoum. ,,We verstrekken nu hulp aan een half miljoen mensen maar gaan er van uit dat binnenkort 1,9 miljoen mensen hulpbehoeftig zijn.''

Onveiligheid en weigerachtige autoriteiten vormen de grootste belemmeringen voor een effectieve operatie. Hulporganisaties waarschuwen voor tienduizenden doden als niet onmiddellijk actie wordt ondernomen. Momenteel werkt er slechts een handjevol buitenlandse hulpverleners en een team van tien vertegenwoordigers van de Afrikaanse Unie ziet toe op een wapenbestand. ,,Buitenlanders kunnen moeilijk opereren in Darfur, het is te gevaarlijk voor ze'', zegt het hoofd van een buitenlandse hulporganisatie. ,,We stellen uit veiligheidsoverwegingen vooral Soedanese Arabieren aan, zij worden door de autoriteiten en de Arabische militie, de Janjaweed, met rust gelaten.''

Er worden in Darfur tegelijkertijd twee soorten oorlogen gevoerd. Die van de regering tegen de twee rebellenbewegingen is geluwd, het anderhalve maand geleden gesloten staakt-het-vuren blijft van kracht. De meest vernietigende strijd is die tussen de door de regering gesanctioneerde Janjaweed tegen de Afrikaanse bevolking. De honderdduizenden ontheemden van de strijd noemen als eerste prioriteit veiligheid, niet voedsel. Vaak weigeren ze zelfs voedselhulp want dit trekt de Janjaweed aan. ,,De regering en de Janjaweed verdreven ons uit onze dorpen'', klaagt een ontheemde in de stad Kas. ,,We gaan alleen nog terug onder bescherming van de Verenigde Naties. En de regering moet ons compenseren voor geplunderde goederen en verbrande woningen. Met niks kunnen we geen nieuw leven opbouwen.''

Aan de vooravond van het regenseizoen liggen alle akkers er onbewerkt bij in Darfur. De ontheemden zijn landbouwers en zij zullen dit jaar niet planten. Voor ten minste één jaar zal Darfur, een gebied zo groot als Frankrijk met zeven miljoen inwoners, zich niet zelf kunnen voeden.

Hoewel de regering iedereen oproept snel naar huis terug te keren en te planten, lijkt de regering er juist op uit om de ontheemden onder te brengen in kampen. ,,Als dit op vrijwillige basis gebeurt, ben ik daar niet tegen'', zegt Isaq Adam, een stamleider van de Afrikaanse Fur in Zalingei. ,,Duizenden ontheemden hangen in steden rond en bezetten scholen en markten. Zij vormen een gevaar voor de volksgezondheid.'' Maar Isaq Adam verzet zich tegen dwang: ,,De districtbestuurder laat nu geen voedseldistributie toe in de stad om de ontheemden te dwingen te vertrekken naar kampen buiten de stad.''

De kampen vormen een dilemma voor hulporganisaties. Deze nederzettingen worden veelal gecontroleerd door de gevreesde Janjaweed strijders. ,,Het risico bestaat dat de regering hulpverleners medeplichtig maakt aan een politiek om de ontheemden op te sluiten in een soort concentratiekampen'', waarschuwt een medewerker van de VN. ,,En ik geloof niet dat de regering zich nu nog kan ontdoen van de Janjaweed. De militie heeft haar nut bewezen en is te belangrijk geworden voor het regime.''

Pas de afgelopen weken lijkt de regering wakker geschud door de humanitaire crisis in Darfur. Binnen de strijdkrachten, de middenklasse en ook in de regeringspartij groeit het verzet tegen de toegepaste politiek van de verschroeide aarde in Darfur. Een gigantische hongersnood zal onrustgevoelens verder aanwakkeren en een gevaarlijke politieke weerslag kunnen krijgen. Mede daarom hopen westerse gezanten in Khartoum dat de regering alsnog het gebied geheel zal opengooien voor hulpverleners en de Janjaweed zal intomen.

Het westen, en in het bijzonder Washington en Londen, voert een politiek van `constructieve betrokkenheid' met de machthebbers in Khartoum. Dit in tegenstelling tot de ex-Amerikaanse president Clinton die 1998 een raket liet afvuren op Khartoum als wraak voor vermeende rol van Soedan in terroristische aanslagen in Afrika. De huidige politiek heeft in belangrijke mate bijgedragen tot de bijna-voltooiing van het vredesproces in Zuid-Soedan. Het westen wil nu de vaart in de verbeterde relaties niet verloren laten gaan. ,,Er gaan heel veel mensen sterven in Darfur'', zegt een westerse diplomaat ,,op een moment dat we beter verwachten van deze regering. Als de autoriteiten de ontheemden laten terugkeren en hun voedsel geven, en als ze de Janjaweed in het leger opnemen en uit Darfur weghalen, dan is dat voor ons acceptabel. Op die wijze kunnen we constructief blijven samenwerken met deze regering.''