Spaans lijsttrekkersdebat wordt mediaoorlog

Een debat tussen Spaanse lijsttrekkers is uitgemond in een mediaoorlog tussen de partijen.

Even leek het er op dat het debat tussen de twee belangrijkste Spaanse lijsttrekkers voor de Europese verkiezingen vanavond op twee verschillende zenders zou worden uitgezonden: de ene lijsttrekker op het ene kanaal, de ander op het andere. Dat alles door een hooglopende ruzie en verwarring over wie de debatten mocht uitzenden. Met het belang van de verkiezingen in het achterhoofd lijkt in Spanje een politieke mediaoorlog uitgebroken.

Rechtstreeks uitgezonden televisiedebatten tussen de lijsttrekkers van de twee belangrijkste partijen mogen elders in Europa tot de democratische routine behoren, in Spanje is dat anders. Elf jaar lang moesten de kiezers het zonder een dergelijke politieke krachtmeting stellen. En nu het dan eindelijk plaatsvindt in het kader van de verkiezingen van het Europese Parlement werd Het Debat zelf inzet van een debat.

Spanje keek met grote belangstelling uit naar de ontmoetingen tussen de socialist Josep Borrell en diens conservatieve evenknie Jaime Mayor Oreja. Vorige week dinsdag had het eerste debat tussen twee politieke routiniers plaats voor de commerciële zender Telecinco. Borrell, die enkele jaren geleden in korte tijd werd afgebrand als nieuwe partijleider van de socialisten, en Mayor Oreja, de man die als lokale lijsttrekker van de conservatieve partij in Baskenland ten onder ging, wisten zichzelf te herstellen met een levendig debat, daar waren vriend en vijand het wel over eens. De Europese verkiezingen worden in Spanje met meer dan gemiddelde belangstelling gevolgd, omdat zij gelden als een eerste kiezersbeoordeling van het socialistische kabinet dat bij de verkiezingen in maart aan de macht kwam. De conservatieve partij is er daarbij veel aan gelegen te bewijzen dat de winst van links vooral te danken was aan een impulsieve reactie na de terreuraanslagen van de elfde maart in Madrid.

Omdat de media in Spanje vrij algemeen worden gezien als instanties in het verlengde van de partijpolitieke belangen was het de vraag welke zenders het Debat mochten uitzenden. Uiteindelijk werden het drie: de commerciële zenders Telecinco en Antena 3 en de staatstelevisie TVE. Telecinco, de min of meer neutrale zender waar links noch rechts veel vat op lijkt te hebben, beet zonder problemen het spits af. Vervolgens ontstond echter `Het Debat om Het Debat': zowel Antena 3 (gelieerd aan rechts) als TVE (onder controle van links) claimde dat zij hedenavond een ontmoeting tussen beide lijsttrekkers zouden uitzenden.

Terwijl de conservatieve leider Mayor Oreja volhield dat er op Antena 3 zou worden gedebatteerd, hield Borrell vast aan de afspraak met de staatstelevisie TVE. Die laatste kondigde het debat reeds dagenlang aan, wat weer de woede opwekte van rechts. De conservatieve partij maakte de staatstelevisie uit voor leugenaars en deed zijn beklag bij de commissie die toeziet op het eerlijke verloop van de verkiezingen. Terwijl de staatstelevisie werd gedwongen zijn aankondigingen terug te trekken, maakte de socialist gisternacht een einde aan het debat met een toezegging om Antena 3 te verschijnen.

Achter het schijnbaar kinderachtige gekibbel gaat een felle strijd schuil rond de controle van de media. Deze was onder de conservatieve partij zo groot geworden dat er toezichthouders werden benoemd om het nieuws in de gaten te houden (bij Antena 3) en de rechter er aan te pas moest komen om de hoofdredacteur van het nieuws op de staatstv wegens `manipulatie' te veroordelen. De regering-Zapatero heeft nu aangekondigd korte metten te willen maken met de `partijtelevisie'. Een commissie van deskundigen moet met aanbevelingen komen om de staatstv waarachtig onafhankelijk te laten zijn. De mate waarin de nieuwe regering hierin slaagt, wordt gezien als een belangrijke toetssteen voor de geloofwaardigheid van de socialisten.

    • Steven Adolf