Hulpmiddelen

De heer Hermans, algemeen directeur van het College voor zorgverzekeringen (CVZ), maakt in NRC Handelsblad van 22 mei enkele opmerkingen over de onrustbarende stijging van de kosten in onder andere de sector hulpmiddelen.

Maar hoe komen deze verzekerden aan al deze hulpmiddelen, voorzieningen, pillen, behandelingen etc.? Niet omdat zij menen dat zij er vanzelfsprekend recht op hebben, zoals Hermans zegt. Hij zal toch ook weten dat de verzekerde alleen aanspraak heeft op wat als zodanig is aangewezen in de wet- en regelgeving. De toewijzing van dat alles ligt echter in handen van degenen die indiceren: de arts, specialist, het RIO en dergelijke.

Als verzekerden onterecht zaken krijgen toegewezen, is dat door de indiceerders geautoriseerd. Iemand die een sta-op-stoel heeft gekregen omdat hij niet uit en diepe stoel kan komen, is onjuist geïndiceerd. Daarover is de verzekerde geen verwijt te maken.

De heer Hermans heeft zijn moeder van een psychiatrische instelling naar een verzorgingshuis overgebracht. Deze koene daad is op zijn minst onduidelijk. De moeder van de heer Hermans is óf geïndiceerd voor een psychiatrische inrichting óf voor een verzorgingshuis. Het is toch niet zo dat men maar kan binnenlopen bij een verzorgingshuis? Was de indicatiestelling wel juist voor de psychiatrische instelling?

Ook in dit voorbeeld kan de moeder niet zelf uitmaken waar zij wordt opgenomen. Dat doet het RIO. Voor de zekerheid alvast in een aanleunwoning gaan wonen, zoals de heer Hermans opmerkt, is mijns inziens ook niet mogelijk. Ook daar geldt een indicatie. Er is een strikte, adequate en valide indicatiestelling noodzakelijk. Daarvoor zijn de artsen, specialisten, de RIO's en ook verzekeraars verantwoordelijk.