Hart van Lodewijk XVII bijgezet

De plechtige bijzetting, vandaag, van het gemummificeerde hart van Lodewijk XVII in de Parijse kathedraal van Saint-Denis zou een einde moeten maken aan alle speculaties. Dit is het hart van de zoon van Lodewijk XVI, die in 1793, op het hoogtepunt van de Franse revolutie, werd onthoofd. Hij was nog maar acht jaar, werd automatisch koning, maar zat in een Parijse gevangenis, uit vrees dat de monarchisten hem zouden gebruiken om de macht te heroveren.

Op 8 juni 1795 overleed Lodewijk XVII in diezelfde gevangenis. Een arts verrichtte autopsie en nam stiekem het hart van de ongekroonde koning mee. Het hart maakte eindeloze omzwervingen, werd gestolen, teruggehaald, verloren en weer gevonden. Totdat het in 1975 in een Oostenrijks kasteel werd herondekt.

Inmiddels ging het gerucht dat Lodewijk niet in zijn cel was overleden, maar met hulp van monarchisten was ontsnapt, zodat hij de Franse troon kon opeisen als de revolutie was uitgeraasd. Er kwamen claims van mensen die zeiden koning Lodewijk XVII te zijn.

In 1999 werd een einde gemaakt aan de twijfel toen onderzoek uitwees dat het DNA van het hart overeenkwam met dat van een haarlok van Marie-Antoinette, echtgenote van Lodewijk XVI en dus moeder van Lodewijk XVII. Hoewel, absolute zekerheid durfden de wetenschappers niet te geven. Om die reden houdt Charlie de Bourbon vast aan zijn claim. Ooit stond een van zijn voorvaderen – de in Delft begraven Karl Wilhelm Naundorff – op met de mededeling `Louis XVII, c'est moi'. De plechtige ceremonie van vandaag is in zijn ogen dan ook illegaal.