Verplicht scheiden afval op de helling

Het Afval Overleg Orgaan bespreekt later deze week het plan om de verplichte scheiding van groente-, fruit- en tuinafval in Nederland af te schaffen. De afvalbranche is daar fel op tegen.

De kliko wordt misschien wel overbodig. Na tien jaar verplicht gescheiden inzamelen van groente-, fruit- en tuinafval (gft) overweegt staatssecretaris Van Geel van Milieu die verplichting af te schaffen. Dat betekent niet dat plotseling in het hele land geen gft meer gescheiden ingezameld wordt – gemeenten kunnen ook besluiten daar gewoon mee door te gaan – maar wel dat lokale bestuurders straks zelf ervoor kunnen kiezen de gescheiden gft-inzameling te staken.

Helemaal zeker is het nog niet dat gemeenten die vrijheid krijgen. In het Afval Overleg Orgaan (AOO), dat door Van Geel om advies is gevraagd en waarin rijk, provincie en gemeenten vertegenwoordigd zijn, was aanvankelijk overeenstemming bereikt over afschaffing van de verplichte gft-scheiding, zo blijkt uit het conceptadvies van het AOO van december vorig jaar. Na protesten van milieugroeperingen en vertegenwoordigers van de afvalverwerkende industrie heeft het AOO op zijn vergadering in maart besloten de vaststelling van een definitief advies uit te stellen tot september. Vooruitlopend daarop wordt de kwestie in de vergadering die voor deze week gepland staat opnieuw besproken.

Veel gemeenten zijn in de jaren tachtig op vrijwillige basis (maar wel gestimuleerd door het rijk) begonnen met het gescheiden inzamelen van gft, omdat het milieuvriendelijker en goedkoper is gft te verwerken tot compost dan het te verbranden in een verbrandingsoven. Voor het in 1993 verplicht werd, werd er 900.000 ton gft gescheiden ingezameld, twee jaar later was dat gestegen tot 1,4 miljoen ton. Het aanbod van restafval daalde in die twee jaar van 4 naar 3,4 miljoen ton. Inmiddels is het aanbod van restafval weer gestegen naar 4 miljoen ton, terwijl gft constant bleef op 1,4 miljoen ton.

Hoeveel gft er per inwoner wordt ingezameld, varieert van 35 kilo per jaar in stadscentra en wijken met veel hoogbouw tot 140 kilo op het platteland. Dat maakt de gescheiden inzameling op het platteland rendabeler dan in de steden. Er geldt al een ontheffing voor wijken waar geen ruimte is voor gescheiden gft-inzameling of waar gescheiden inzamelen onevenredig veel duurder is dan gft en restafval samen ophalen. In grote delen van Amsterdam en Rotterdam wordt gft om die redenen bijvoorbeeld niet gescheiden ingezameld.

Doordat het met name van de bebouwing afhangt of een ontheffing verleend wordt, verschilt het in steden van wijk tot wijk of gft al dan niet gescheiden ingezameld wordt. Dat maakt de afvalinzameling minder efficiënt dan wanneer die in de hele stad gelijk zou zijn. Bovendien is in de stadswijken waar gft wel apart ingezameld wordt de opbrengst daarvan gering, vergeleken met kleinere gemeenten. In het algemeen geldt volgens het AOO dat het in gemeenten waar relatief veel gft-afval wordt ingezameld goedkoper is om daarmee door te gaan en gemeenten die veel moeite moeten doen om relatief weinig gft-afval op te halen daar beter mee kunnen stoppen.

Volgens het AOO kan de beslissingsbevoegdheid over gft-inzameling daarom beter verlegd worden van rijk naar gemeenten, zodat die zelf de goedkoopste en efficiëntste inzamelmethode kunnen kiezen. Daar komt volgens het AOO bij dat het door verbeterde verbrandingsmethoden uit milieuoogpunt nauwelijks nog iets uitmaakt of gft tot compost wordt verwerkt of wordt verbrand. Meer keuzevrijheid voor gemeenten zorgt verder voor meer concurrentie tussen composteerders en afvalverbranders, wat een prijsdrukkend effect zal hebben, zo verwacht het AOO.

De Vereniging Afvalbedrijven, de brancheclub van de afvalverwerkers, vreest echter dat als gft niet meer gescheiden wordt, het aanbod van afval bij de verbrandingsovens zo groot wordt dat de verbrandingscapaciteit tekortschiet en er meer afval gestort moet worden. ,,Het storten van afval is altijd slechter voor het milieu dan het composteren of verbranden'', aldus de afvalverwerkers vorige maand in een brief aan alle Nederlandse gemeenten.

Ook op het milieueffectrapport dat ten grondslag ligt aan de conclusie van het AOO dat verbranden net zo milieuvriendelijk is als composteren heeft de afvalbranche kritiek. ,,Een aantal milieuvoordelen van composteren is in het milieurapport niet meegenomen en de milieuprestaties van de moderne composteerinrichtingen zijn beter dan in het rapport wordt verondersteld. Daar komt bij dat de milieuprestaties van verbrandingsinstallaties achteruit zullen gaan bij het schrappen van de verplichting doordat meer gft-afval in het restafval terecht zal komen.''

De afvalverwerkers vrezen verder dat meer beleidsvrijheid voor gemeenten tot grote verschillen in het lokale afvalbeleid zal leiden, wat meer administratieve lastendruk betekent. Ook zijn ze bang dat van de 23 nog lang niet afgeschreven composteerinstallaties die er nu in Nederland staan, er een aantal overbodig wordt.

Maar hun voornaamste bezwaar is toch wel dat het aan de burger, die al tien of zelfs twintig jaar braaf zijn gft-afval gescheiden inlevert, niet uit te leggen is dat dat nu ineens niet meer nodig is.