Politiek geladen lied van respect

Het Wilhelmus werd in de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) geschreven voor Willem van Oranje en is een mix van respect voor de vijand (de Spaanse koning Filips II) en eerbied voor God.

Het Wilhelmus heeft in de eerste plaats een politieke strekking. Het is een lied dat de Nederlanders stimuleerde om voor hun politieke vrijheid en vrijheid van godsdienst te vechten.

Het Wilhelmus is tussen 1568 en 1571 ontstaan als geuzenlied. De oudste versie is pas in 1996 in de Bibliothèque Nationale van Parijs ontdekt en dateert van 1578.

De neerlandicus E. Hofman heeft gereconstrueerd dat er twee auteurs moeten zijn geweest, een onbekende die omstreeks 1568 het lied maakte, dat gezongen werd op een Franse melodie die juist van de tegenpartij van de Geuzen afkomstig was. Enige jaren later zou Marnix van St. Aldegonde, volgens Hofman, het lied nog meer als propaganda voor Willem van Oranje (1533-1584) hebben herschreven èn zou hij het acrostichon aangebracht hebben. De eerste letters van elk couplet vormen het woord: Willem van Nassov.

Hoewel het Wilhelmus rond 1570 is geschreven, en daarmee het oudste volkslied ter wereld is, heeft het ruim 350 jaar geduurd voordat het officieel het Nederlands volkslied werd. Toen er in de 19de eeuw behoefte kwam aan een volkslied, werd eerst een gedicht van Hendrik Tollens (1780-1856) gekozen. Omdat dit lied een nogal racistisch karakter had ('Wien Neerlandsch bloed in de aders vloeit, Van vreemde smetten vrij') kwam er een beweging op gang die liever het Wilhelmus als volkslied wilde. Pas op 10 mei 1932 kreeg het Wilhelmus de officiële status van volkslied.

De Mars van de Jonge Prins van Friesland dateert uit begin 18de eeuw. De `Jonge Prins' is Johan Willem Friso (1687-1711). Hij vormt een cruciale schakel in de stamboom van de Oranjes. Bij de dood van Willem III in 1702 leek de rol van de Oranjes uitgespeeld, maar de Oranje-titel ging over op de Friese tak van de Nassause familie.