Visarend

De talrijke zeilboten op het Slotermeer bij Balk kunnen de visarend niet verjagen. Majestueus zweeft de vogel (Pandion haliaetus) met zijn spanwijdte van zo'n anderhalve meter hoog boven het meer, vervolgens daalt hij in kringen. Hij jaagt op vis die hij vlak onder de waterspiegel verschalkt, `stootduiken' heet dat. Aan de onderzijde is hij overwegend wit, lichtgevend bijna boven het zonlichtspiegelende wateroppervlak. Op zijn witte kop staat een kuif en door het oog loopt een zwarte band. De langgerekte vleugels geknikt; de slagpennen steken opvallend uit. Zijn donkere haaksnavel ziet er vervaarlijk uit. De visarend is hier te lande een gast in voorjaar en vooral najaar. Betrouwbare meldingen van broedgevallen zijn er niet. Dat is vreemd voor een zo'n vis- en waterrijk land. Vlak voordat mijn zeilboot overstag gaat en een andere koers neemt, zie ik de visarend duiken. Geweldig: met de vleugels opwaarts gehouden stoot hij omlaag met gestrekte klauwen. Hij grijpt de vis, een rietvoorn, onder water en weet zich meteen weer te verheffen. Duidelijk is te zien dat de staart breed uitwaaiert, waardoor de vogel met een opwaartse druk weer vrij komt. De vis glinstert tussen de klauwen.

Illustratie:

Rein Stuurman

(Zien is kennen!)

freriks@nrc.nl