Om te janken, zo glad

Mijn man is van het soort dat weigert te geloven dat er sekseverschillen bestaan. En het moet gezegd: hij komt een eind in de richting van een goede vrouw.

Hij heeft weliswaar het uiterlijk van een Marlboro-man op zoek naar het land waar avontuur nog bestaat, maar hij dweilt, kookt, zuigt en gaat nooit de deur uit voordat de bedden zijn opgemaakt. Maar deze week is er voorgoed iets geknakt. Ons geloof in zijn vrouwelijkheid.

Ik had een epilator gekocht. Nu heb ik dat wel eens vaker gedaan. Zo een die met een ronddraaiende veer de haren uitrukt. Pijn dat dat deed. Dus scheer ik - nu alweer zo'n twintig jaar - mijn benen.

En soms scheert man ze voor me. We doen het met mijn drieledige damesmesjes. En met zijn crèmespoeling. Want niets glijdt zo goed als crèmespoeling.

Maar nu zong het al een tijdje rond dat er een epilator bestaat die nagenoeg geen pijn doet. Een paar dagen na aanschaf kende ik de gebruiksaanwijzing uit mijn hoofd. Ik wist alles van het 'precisie epileerhoofd' en de 'innovatieve SoftLift-tips' die mijn beenharen eerst zouden optillen en ik verheugde me bijkans op de 'viervoudig bewegende pain softener' die mij met zijn pulserende bewegingen zou ontspannen. En deze zin bleef ik als een mantra voor me uitzeggen: 'Omdat de haartjes die teruggroeien fijn en zacht zijn, ontstaan er geen stoppels.'

Omdat het zonde is alcohol alleen voor het ontsmetten van epileerkoppen te gebruiken, schenk ik mezelf een wodka-jus in. ('Wat vind je echt lekker om te drinken?', had na de geboorte van mijn eerste kind de vroedvrouw gevraagd in een poging mij te ontspannen voor melkafgifte. Dochter bleef huilen van de honger, ik bleef drinken en 'liever de fles dan stress' is tot op de dag van vandaag mijn lijfspreuk.) De gordijnen gaan dicht, de telefoon van de haak en de epilator in het stopcontact. Een bijgeleverde ijshandschoen ligt al een tijdje mijn scheenbeen voor te koelen.

Tanden op elkaar. NU!

Het zweet breekt me uit. Het geluid van muggen die tegen een elektrische lamp verschroeien. Lekker is anders, maar de vijand zul je er echt niet mee aan het praten krijgen. Ik begin van binnen te jubelen. Ik doe het. Ik epileer. Ik ruk ze eruit met wortel en tak. Alle 18.000. Als mijn moeder dit nog had mogen meemaken.

'Je ziet eruit als een geplukte kip met een huidziekte', zegt man, die ook wel eens uit zijn rol valt. Ik citeer de gebruiksaanwijzing: 'Als je begint met epileren, moet je huid wennen, hoor.' De volgende ochtend word ik wakker met twee volmaakt gladde benen. En de ochtend daarna en die daarna en die daarna. Ik kan wel janken.

Van gladheid.

'Nou, geef dat ding eens hier', zegt man die nu zelf wel eens wil ervaren wat mij in zo'n euforische stemming heeft gebracht. Met een vertrouwd gebaar plaatst hij de precisiekop op zijn kin. En - trekt hem meteen weer terug. Tranen in de ogen. Met beide handen grijpt hij naar het hoofd. 'Dit is belachelijk', roept hij uit. 'Waarom doe je dit?' En dan komen er opeens teksten uit als: 'Je zou er toch eigenlijk maling aan moeten hebben dat mensen je minder aantrekkelijk, minder sociaal en minder intelligent vinden, alleen omdat je haren op je benen hebt.' Dat heeft hij namelijk ooit ergens gelezen. En: 'Schat, je bent toch al lang maatschappelijk geaccepteerd, daar hoef je jezelf toch niet zo voor te martelen.'

Juist - als je met een wiskundige formule, net als de stelling van Pythagoras, de pijnbeleving bij epileren zou kunnen berekenen, dan weet ik wel wat de variabelen zijn: aantal jaren onthaar-ervaring, al dan niet een vaste partner, het aantal geïncasseerde beledigingen ('au, je prikt'), de hoeveelheid uitgegeven geld aan ontharingsproducten, de mate van verlangen rokjes te dragen, maar vooral: sekse!

'Waar ga je heen?', vraagt man verbaasd, als ik met de fles wodka de kamer verlaat.

Met dank aan Elektronica Markt Prijstopper, Amsterdam