Loket voor goede doelen

Veel Nederlanders steunen een project in de Derde wereld, buiten de grote hulporganisaties om: ze brengen geld bijeen voor apparatuur in een ziekenhuis, steunen een bakkerij van vrouwen of helpen een school aan lesmateriaal. Sinds kort kunnen particulieren bij het platform Linkis geld aanvragen voor hun project.

Geld inzamelen voor goede doelen is Lekhram Ghiraws tweede natuur geworden. De voorzitter van de hindoestaanse stichting Khos, die in Den Haag een hindoe-basisschool met zeshonderd leerlingen runt en een radiozender beheert, haalde de afgelopen jaren geld op voor een waterleiding (1600 euro) en een tweedehands busje (5000 euro) voor een weeshuis in Suriname. Voor de renovatie van een school en de aanleg van een zestal waterputten in India bracht hij zo'n 8000 euro bijeen. ,,We halen geld op via de zogeheten `maandagcent' op school, vergelijkbaar met het zendingsbusje van vroeger. Ook via de radio houden we acties. En regelmatig bellen we hindoestaanse winkeliers die in onze programma's adverteren of ze geld willen geven voor een project.''

Voor steun bij de bouw van een recreatiezaaltje (8000 euro) en een extra wooneenheid (5000 euro) in een bejaardenhuis in Suriname wendde Ghiraw zich onlangs tot Cordaid, een van de grootste ontwikkelingsorganisaties in Nederland. Cordaid zette begin 2003 samen met Novib, Icco, Plan, Hivos en NCDO (Nationale Commissie voor Duurzame Ontwikkeling) het platform Linkis op: bij dit loket kunnen particulieren financiële en inhoudelijke steun vragen voor een project in de Derde wereld of Oost-Europa waar ze zelf bij betrokken zijn en fondsen voor werven. Ook projecten in Nederland, bijvoorbeeld van migrantenorganisaties, die ten goede komen aan een ontwikkelingsland of aan de solidariteit tussen verschillende etnische groepen in Nederland, komen in aanmerking voor steun van een van de medefinancieringsorganisaties.

Linkis werd opgericht omdat het ministerie van Buitenlandse Zaken werd overspoeld met aanvragen van particulieren voor steun aan projecten in onwtikkelingslanden. Het ministerie vond het de taak van de medefinancieringsorganisaties om zich met dit soort vraagstukken bezig te houden. Met de steun aan kleinschalige projecten hopen de hulporganisaties in Nederland meer draagvlak te creëren voor ontwikkelingssamenwerking.

Cordaid krijgt per maand inmiddels tachtig tot honderd aanvragen van particulieren. ,,Veel meer dan verwacht'', volgens Josta ten Broeke, werkzaam bij het Servicebureau Particulieren, dat de aanvragen beoordeelt die binnenkomen bij Cordaid. De bij Linkis aangesloten medefinancieringsorganisaties kregen vorig jaar in totaal zo'n tweeduizend aanvragen. Volgens Ten Broeke honoreert Cordaid 30 tot 40 procent van de aanvragen. Daarvan is 40 procent afkomstig van migrantenorganisaties. Dertig procent van de projecten wordt uitgevoerd in Nederland.

Zowel de projecten als de aanvragers zijn erg verschillend, merkt Ten Broeke, die het `hartverwarmend' noemt om te zien hoe Nederland op microniveau bezig is met de Derde Wereld. ,,We hebben bijvoorbeeld steun gegeven aan een verpleegkundige die in Cambodja werkte bij een HIV-Aids preventieprogramma en nog enkele malen per jaar teruggaat. Maar ook de organisatie van het Afrika Festival in Delft heeft subsidie gekregen. Net als een groepje economie- en communicatiestudenten die stage liepen in een uithoek van Kroatië en daar een project zijn begonnen om het toerisme op gang te brengen. Ze hebben overnachtingsaccomodatie opgezet, organiseren excursies en verspreiden hier in Nederland folders.''

De meeste aanvragen zijn afkomstig van stichtingen. Ten Broeke: ,,Het begint vaak met een vakantie in een ontwikkelingsland of een zoon of dochter die in de Derde Wereld werkt. Maar ook veel scholen, kerkelijke organisaties, serviceclubs, vrouwennetwerken en bedrijven zijn betrokken bij ontwikkelingsprojecten.'' Cordaid werkt het liefst samen mensen die hun project in een duurzame organisatievorm zoals een stichting hebben ondergebracht, zodat de continuiteit gewaarborgd is. Ook ziet Cordaid graag een langdurige relatie tussen ondersteuners en project. Ten Broeke: ,,Dus niet eenmalig drie lokalen bouwen bij een schooltje, maar ook hulp bij de watervoorziening, het lesmateriaal etcetera.''

Voor de journalisten Sonja van Proosdij en Jacqueline Beckers begon hun betrokkenheid bij een project voor startende ondernemers in Zuid-Afrika met een persreis die ze enkele jaren geleden door dat land maakten. Ze kwamen in contact met vrouwen in townships en besloten dat ze deze vrouwen in workshops wilden leren hoe ze economisch op eigen benen konden staan. Van Proosdij en Beckers zetten een programma op, de lokale stichting Dreamcatcher regelde deelnemers en leslokaties in townships in de Westkaap. Van Proosdij: ,,De ene deelnemer wilde een wasserette, de volgende droomde van een cateringbedrijfje, de derde wilde geld verdienen met kralenkettingen rijgen. Wij leerden de vrouwen hoe ze zich moesten presenteren aan opdrachtgevers, hoe ze hun marketing moesten regelen en dat ze ervaring konden opdoen door middel van een stage.'' Na afloop van de workshop kregen de deelnemers een certificaat. De eerste reis die Beckers en Van Proodij maakten, in 2001, werd gesponsord door het ministerie van VWS. Voor de reis die ze vorig jaar - een maand door de provincies Vrijstaat, Westkaap en Oostkaap - maakten, kregen ze 6895 euro van Cordaid.

Per deelnemende medefinancieringsorganisatie zijn de voorwaarden en criteria voor steun aan een particulier project verschillend. Bij Novib geldt, volgens projectleider Theo van Koolwijk, dat de projecten laagdrempelig moeten zijn en gericht op directe armoedebestrijding. Het maximumbedrag is 50.000 euro. Anders dan bij Cordaid, waar serviceclubs als Rotary regelmatig meer krijgen dan het maximum van 12.500 euro, geeft Novib in een aantal gevallen meer dan 50.000 euro aan een migranten- of vluchtelingenorganisatie, zodat deze organisaties in staat zijn om eigen netwerken in Nederland op te bouwen. Novib kreeg dit jaar 144 steunaanvragen binnen, waarvan er tot nu toe 34 zijn goedgekeurd en 71 afgewezen. Novib heeft dit jaar voor de kleinschalige initiatieven 470.000 euro vrijgemaakt.

Richtlijn bij Cordaid is dat het bedrag dat een organisatie zelf bij elkaar brengt voor het project, door middel van een sponsorloop, braderie, verkoop van (Afrikaanse) kunst of een andere inzamelingsactie, wordt verdubbeld. ,,Dat stimuleert particulieren om er extra hard aan te trekken'', volgens Ten Broeke.

In een enkel geval wordt er meer dan het maximumbedrag van 12.500 euro uitgekeerd. Zoals aan COS Noord-Holland Noord, een van de zestien regionale centra voor internationale samenwerking in Nederland. Cos kreeg 28.000 euro voor het project Buitenkans, waarbij vrouwelijke drugskoeriers in twee Nederlandse gevangenissen wordt geleerd hoe ze na hun detentie hun leven economisch weer op de rails kunnen krijgen. Dit om te voorkomen dat ze in herhaling vallen. ,,Deze vrouwen komen uit landen als Brazilië, Venezuela, Colombia en de Antillen en hebben zonder uitzondering enorme problemen thuis'', vertelt Jet Pronk, stafmedewerker van Cos. ,,Een langdurig ziek kind bijvoorbeeld, waardoor ze voor enorme dokterskosten staan. Uit wanhoop en naïviteit worden ze drugskoerier.'' In het project wordt de vrouwen geleerd hoe ze een bedrijf kunnen opzetten, wat marketing is, hoe je aan startkapitaal komt en hoe je kunt samenwerken. In totaal hebben zeventien vrouwen de cursus gevolgd. Samen met het project Buitenkans loop het zogeheten Maatjesproject, waarbij vrijwiliggers de vrouwelijke gedetineerden bezoeken, sociale ondersteuning geven in de hoop dat ze meer zelfvertrouwen krijgen. Cos probeert ook steun te geven aan de vrouwen nadat ze zijn teruggekeerd in hun eigen land.

Lekhram Ghiraw, die in zijn hindoestaanse netwerk 10.500 euro ophaalde voor het Surinaamse bejaardenhuis, ontving van Cordaid nog eens 12.500 euro. Hij is alweer met een volgend project bezig: twee nieuwe waterputten in India, waarvoor hij 2000 euro nodig heeft. Hij gaat zelf regelmatig kijken bij de projecten ,,om te voorkomen dat er geld verdwijnt of er te dure krachten worden ingehuurd''. En om de projecten een beetje te promoten: ,,Vaak betalen we minder als ik aan een lokale aannemer vertel dat het voor een goed doel is.''

Op de website www.linkis.nl, die zeer binnenkort operationeel wordt, staat een lijst van deelnemende projecten. Ook is hier een aanvraagformulier voor financiële steun te vinden.