Gegoochel met termen over Darwins evolutietheorie

Verbaasd en geërgerd las ik in NRC Handelsblad van 1 juni over een onderzoek dat hoogleraar Kees Cools had verricht naar `de relatie tussen Darwin en de beurs'. Het gemak waarmee deze hoogleraar goochelt met termen als `darwinisme', `het recht van de sterkste' en `darwinistische principes', doet vermoeden dat hij geen enkele kennis bezit over Darwins evolutietheorie waarin het principe van natuurlijke selectie, naast andere factoren, als belangrijkste oorzaak wordt genoemd van het ontstaan, de verandering en het vergaan van natuurlijke soorten.

Dat er naar aanleiding van Darwins werk, met name The Origin of Species (1859) en The Descent of Man (1871), vele sociaal-darwinistische interpretaties ontstonden die onderling sterk van elkaar afweken, is in elk schoolboek over het darwinisme te lezen. Nog onlangs heeft Cor Hermans in zijn proefschrift De dwaaltocht van het sociaal-darwinisme, vroege sociale interpretaties van Charles Darwins theorie van natuurlijke selectie 1859-1918 (2003) aangetoond dat er maar liefst dertien verschillende definities mogelijk zijn van het verschijnsel `sociaal-darwinisme'. Cools sociaal-darwinistische interpretatie is gebaseerd op een laat negentiende-eeuwse variant, waarin `darwinisme' werd gebruikt ter legitimatie van een kapitalistische ideologie. Cools gaat er echter klakkeloos van uit dat deze sociaal-darwinistische laat negentiende-eeuwse interpretatie hetzelfde is als `darwinisme'.

Concluderend resten mij drie mogelijkheden:

1) Het artikel geeft Cools mening niet goed weer.

2) Cools is een onderzoeker met oogkleppen op die niet de moeite neemt om zich te verdiepen in een ander vakgebied, in casu de complexe ideeëngeschiedenis van zowel Darwins evolutietheorie als de daaruit voortvloeiende ontwikkeling van het sociaal-darwinisme.

3)Cools is dom.

Laat ik dan maar de nuance zoeken en kiezen voor mogelijkheid 2.