Frankrijk verkoopt haar belangen als zijnde Europees

Het pleidooi van mevrouw Gazeau-Secret, ambassadeur van Frankrijk in Den Haag, voor meertaligheid in NRC Handelsblad van 27 mei kan men natuurlijk alleen maar onderschrijven. Als je de kans hebt, moet je meer dan één vreemde taal leren. Probleem is natuurlijk dat velen die kans niet hebben en dus voor het Engels kiezen.

Haar opmerking ,,wij Fransen verdedigen de taal- en cultuur diversiteit'' in Europa, gaat echter pas op sinds 1994, het jaar waarin de EU werd uitgebreid met Zweden, Finland en Oostenrijk. Doordat deze landen liever Engels spreken, ontstonden namelijk de eerste deuken in het Franstalige regime bij de Europese instellingen in Brussel. Frankrijk zet zich pas zeer recent in voor meertaligheid en dat om opportunistische redenen. Vroeger gedroeg Frankrijk zich juist als een taalimperialist. Zo was een van de voorwaarden waaraan het Verenigd Koninkrijk in 1974 moest voldoen toen het lid werd van de EU, dat het alleen maar mensen naar Brussel zou sturen die Frans spraken. Het `taalevenwicht' mocht immers van de Fransen niet worden verstoord.

Zelfs op dit moment is Frankrijk alleen voor meertaligheid als het haar uitkomt. Zo is men niet voor meertaligheid bij het Europese Hof, daar moet het monopolie van het Frans worden gecontinueerd, omdat anders de ,,kwaliteit van de oordeelsvorming'' in gevaar zou kunnen komen. Frankrijk is er een meester in om haar eigen belangen te verkopen als Europees, en ik heb groot respect voor de kwaliteit van haar diplomatie, het pleidooi van mevrouw Gazeau-Secret is daar weer een prachtig voorbeeld van.