...de krant antwoordt

Het kortste antwoord is: ja, de hoofdredacteur laat Youp (en andere columnisten) geheel vrij in zijn uitingen. Dat pakt de ene keer misschien beter uit dan de andere keer, maar die columnistenvrijheid is voor de krant een groot goed. Wat een columnist dan ook schrijft, komt geheel voor zijn rekening. Hij bedrijft geen journalistiek, maar geeft z'n mening op persoonlijke titel. De columnist wordt door de redactie gevraagd, omdat we denken dat die persoon een interessante of, in zijn geval, amusante mening kan geven. In het stijlboek staat over de column: ,,Het is de enige bijdrage aan de krant die in keuze van onderwerp, gezichtspunt, stijl en mening een hoogst persoonlijk karakter heeft.''

De belangrijkste taak van de hoofdredacteur is ervoor te zorgen dat hij die vrijheid garandeert de hoofdredacteur moet individuele columns dus juist niet toetsen aan allerlei criteria die hij zelf heeft geformuleerd.

Die indruk moet de columnist ook vooral niet hebben; onwillekeurig zou hij of zij het gevoel kunnen krijgen dat ik bij het schrijven over z'n schouder meekijk. Journalisten houden daar qualitate qua rekening mee, maar voor columnisten is het dodelijk. Consequentie is dat je de goede en interessante columns afdrukt en ook de columns die je saai of slecht gelukt vindt.

De reacties van de lezers neem je op de koop toe, of ze nu instemmend of afkeurend zijn. In de krant verschijnt dan automatisch een voor iedereen zichtbare optelsom van plussen en minnen. We gaan door totdat we genoeg hebben van zo'n column en dan nemen we liefst zo deftig mogelijk afscheid.

Dat blijkt vaak weer heel moeilijk, maar dat is een ander verhaal. Natuurlijk kan de hoofdredacteur ook een column weigeren, maar dat betekent feitelijk ook het einde van de samenwerking. Een beetje columnistenvrijheid bestaat immers niet.

Dat betekent dus ook dat de hoofdredacteur niet aan een openbaar debat kan deelnemen over een individuele column. Nog afgezien van de vraag of je zinvol van mening kunt verschillen over wat satire is en `kenbare scherts', waar `reputatiemoord' begint en grappen ophouden en of een vete `persoonlijk' is of functioneel. Je kunt een lijdend voorwerp van een column wel een weerwoord bieden en lezers de ruimte geven hun gal te spuwen.

Dat is in de krant van dinsdag 1 juni ook gebeurd. De prijs van de vrijheid van de columnist is dat hij even onversneden in het openbaar van repliek kan worden gediend. Daar moet de krant ook voor zorgen.

Natuurlijk had ik over deze column ook zo m'n gedachten toen ik hem afgedrukt zag. Ik heb er deze week het gewraakte stukje uit het Brabants Dagblad nog eens bijgehaald, ben door de columnist achteraf nader ingelicht over wat hem overkomen is in Den Bosch, heb de beledigde collega uit Brabant aan de telefoon gehad. Maar ook na (of ondanks) dit stuk heb ik geen genoeg van de columns van Youp van 't Hek. Hij schrijft satire, neemt mensen op de hak, overdrijft scherp, overschrijdt grenzen, ridiculiseert en neemt geen blad voor de mond. Hij kan keihard zijn; dat calculeer je bij het lezen allemaal in.

Dat een dergelijke column in onze kolommen kan verschijnen, is ook een kwaliteit van de krant, die ik waardeer. Soms loopt er iemand een kras op maar ook, of misschien juist, een hoofdredacteur moet tegen een stootje kunnen.