`Stof moet er zijn'

Op zijn visionaire debuut-cd morrelt zanger Van Hunt aan de grenzen van de soul. ,,De digitale klank van hiphop is me liever dan van oude soul.''

`What is soul', vroeg zanger Ben E. King zich in 1967 in het gelijknamige liedje af. Die vraag is een kleine veertig jaar later nog steeds aan de orde. Want wat is soul? Soul is Aretha Franklin, James Brown, Sam Cooke. Maar soul is ook Angie Stone, Joss Stone en Ellis Hooks, de nieuwe lichting. Bij de jongere muzikanten valt op hoe trouw ze zich houden aan de oude voorbeelden: ook zij gebruiken Hammond-orgels, strijkers, de van gospel bekende liedvorm met vraag- en antwoordzang. Alsof soul versteend zou zijn, of als genre te heilig om mee te experimenteren.

Uit Atlanta, Georgia, komt nu een soulzanger die aan de grenzen morrelt. Deze nog onbekende grootheid heet Van Hunt – een naam als een betrouwbaar merk. Op zijn vorige week verschenen debuut-cd, Van Hunt, laat Van Hunt horen hoe uit de inmiddels vertrouwde combinatie van twinkelende gitaaraccenten, smekende stemmen en borrelende bastonen iets kan ontstaan dat vernieuwend klinkt. Waar het hem precies in zit? Waarschijnlijk in een gebrek aan eerbied. Voor zichzelf en voor de traditie. Hunt laat bastonen klinken alsof ze door een kapotte versterker worden gespeeld, en hoewel zijn zang meestal straalt, mag hij ook gruizig worden vervormd door een oude synthesizer. Dat leidt tot prachtige, veellagige liedjes als Moments Of Pleasure, Her December en de single Dust.

Volgens Van Hunt zelf is die stijl het gevolg van opgroeien in het hiphoptijdperk. ,,Ik was jong in de jaren tachtig en negentig'', zegt Hunt (26), op een middag in een Amsterdams hotel. ,,Ik hoorde klassieke soulmuziek bij mijn ouders. Maar verder hoorde ik overal hiphop. Wat me heeft gevormd was niet het rappen of het samplen, want dat doe ik niet, maar wel de technologie van hiphop. Hiphop is de muziek van drumcomputers en de digitale opnametechnieken. Die klank is nu voor mij vanzelfsprekender dan die van de oude soulplaten. Ik neem graag op met digitale apparatuur omdat die precies weergeeft wat je speelt. De analoge techniek kleurt de opname altijd een beetje: maakt dat het warmer klinkt ofzo, en dat wil ik niet altijd.''

Hoe visionair de cd ook klinkt, Van Hunt is al drie jaar oud. De opnames lagen al die tijd te wachten tot de platenmaatschappij ze wilde uitbrengen. Hunt heeft er uiteindelijk niets meer aan veranderd. ,,De platenmaatschappij verzekerde me dat de songs op zich precies klopten. Het was juist het geluid waar ze niet zeker over waren.'' Er volgden absurdistische gesprekken waarin de platenbaas vroeg om Al Green anno 1974, terwijl Hunt hem Al Green 2004 bood. Uiteindelijk ging de platenmaatschappij overstag en kon Van Hunt worden uitgebracht.

Inmiddels heeft Hunt alweer een paar nieuwe cd's af. Want Hunt is gretig, na zes jaar in zijn kelder te hebben gezeten. Daar schreef hij zijn liedjes en nam hij op. Altijd in zijn eentje. ,,In die jaren heb ik mezelf leren liedjes schrijven en zingen. Ik dacht dat je zingen niet kon leren, dat je het als gave moest bezitten. Maar ik heb het toch gedaan. Ik ontdekte dat zingen draait om moed. Er is moed voor nodig om die spieren in je keel los te laten. Dan pas kan je er van alles mee doen.

,,Liedjes leren schrijven was frustrerend: ik dacht steeds dat ik iets geniaals had bedacht. Dan ging ik naar boven, luisterde naar een nummer van Stevie Wonder en was meteen ontnuchterd. Pas na een paar jaar ging ik een keer naar boven, luisterde naar Stevie Wonder en bedacht me dat ik er niet zo heel ver meer naast zat.''

Soulzang staat bekend om de krullerige uithalen, maar Hunts zang is eerder ingehouden. ,,Ik ben nu eenmaal geen Beyoncé'', zegt hij grijnzend. ,,En ik hou van een geheimzinnig, gedempt geluid. Ik hou van de klank van Sly Stones There's A Riot Going On. Ook gedempt.'' Al is hij een kind van zijn tijd, Hunt verwijst graag naar legendarische voorouders als James Brown, Al Green, Funkadelic en Miles Davis. Hij praat zelfs als een oudere zwarte muzikant, met veel `cat' (man) en `corky' (grappig). Dat komt door zijn bandleden, zegt hij. ,,Zij zijn allemaal ouder dan ik. Ze hebben nog gespeeld met mensen als James Brown en Funkadelic. En ik lees graag biografieën zoals van John Coltrane en Richard Pryor, die praatten ook zo.''

Voordat de cd af was, had Hunt zijn eigen liedjes nog nooit live gespeeld. Inmiddels heeft hij net een drie maanden durende tournee door Amerika achter de rug. Een ontluisterende ervaring, zegt hij. ,,Het leven `on the road' draait nog altijd om seks & drugs. Ik was verbijsterd. Ik dacht dat we dat toch wel gehad hadden. Rijen mensen voor de wc om cocaïne te snuiven, so 80's! En al die vrouwen die je willen versieren. Iedereen zet je op een voetstuk. Ik was teleurgesteld. Ik dacht dat ik na een concert gewoon over muziek kon praten met mensen, bij een glaasje kruidenthee. Maar vrouwen willen maar één ding. Ze willen me zien als ster. Dat is gevaarlijk, want ik heb niets dat mij ook maar een greintje heiliger maakt dan ieder ander. En dat weet ik heel zeker'', zegt hij dreigend, ,,want ik ken mijzelf.''

Zelfspot is, ook op de cd, Hunts handelsmerk. Die spreekt uit een titel als Down Here In Hell (With You) en de tekst van Dust, waarin hij zichzelf gelijkstelt aan stof dat ,,over de rand waait''. Hoe nederig is Hunt? ,,Dat nummer is nederig, maar ook berustend. Ik heb geconstateerd dat ik laag sta in de rangorde – en dan is het nu tijd om blij te zijn met wie of wat ik ben. Al is het maar stof. Ook stof moet er zijn.''

Van Hunt is opgegroeid in Dayton, Ohio. Zijn ouders waren gescheiden, hij woonde bij zijn moeder. Van Hunt senior werkte parttime als fabrieksarbeider, kunstschilder en pooier: ,,Het was tekenend dat hij er zelfs niet in slaagde om in één van die drie goed te zijn.'' Hunts ooms waren bevriend met de leden van soulgroep The Ohio Players en bij vader thuis slingerden altijd allerlei platen rond. Hunt sr. was een `pimp' van het type strakgeklede gladjakker dat het inmiddels heeft geschopt tot rolmodel van de zwarte cultuur, zoals blijkt uit zijn grote aandeel in clips en liedjes van rappers als Snoop Dogg en Puff Daddy. Wat geeft het beroep van pooier zo'n aanzien? ,,Nu is het zo ongeveer de laagste baan die ik me kan voorstellen'', zegt Hunt. ,,Maar vroeger stond het voor een glorieuze manier van leven, in ieder geval voor jongens als ik, die zonder een rooie cent opgroeiden in Amerika. De pimp had mooie kleren en grote auto's en bovendien de mogelijkheid om te leven zoals witte mensen: je geen zorgen hoeven maken over alles. Als je jong bent, zie je alleen die kant. Later bedenk je dat het natuurlijk engerds zijn. Maar wat mijzelf betreft: het is nu eenmaal mijn achtergrond. Daar, tussen die rondslingerende platen en kleren, in de rook van sigaretten en weed, ben ik gevormd. Daar zijn mijn muzikale ideeën ontstaan. Ik heb het er maar mee te doen.''

Het beeld van de pimp in clips en liedjes nu is eerder een karikatuur dan idolatrie, volgens Hunt. ,,Snoop Dogg met zijn lange nagels en zijn bontjas, dat is grappig bedoeld. Het straalt geen gevaar uit. Je hebt ook geen succesvolle pimps meer op straat, tegenwoordig. Het gaat nu allemaal via escort-services.''

Die avond treedt Hunt op in Paradiso, onder het toeziend oog van Idols-winnaar Boris (`Keep the soul alive') en vele anderen – al was zijn cd pas die dag in Nederland uitgekomen. Tussen de gladgeschoren mannen in maatpak op het podium is er één in een scheefgeknoopte regenjas, slappe soulpet en fluwelen sjaaltje. Maar al staat hij er sjofel bij, Hunt leidt zijn muzikanten als een marionettenspeler. De liedjes klinken live klassieker dan op de cd. Het orgel kreunt, de zang kaatst tussen de muzikanten heen en weer, er wordt een cover gespeeld van Sam Cookes That's Where It's At. Hunt speelt gitaar met de achteloze vanzelfsprekendheid van een volleerd student. Zijn falsetstem kringelt omhoog als de rook van een smeulend vuurtje – precies zoals Ben E. King het ooit zei: `A soul is somethin' that comes from deep inside'.

Na afloop bij de bar staat er al snel een kleine menigte meisjes rond de zanger. Ze willen allemaal een handtekening. Want hoe gevaarlijk ook, Hunt is nu eenmaal een ster.

`Van Hunt' van Van Hunt is verschenen bij Capitol/Emi.