ISAF vreest Afghaanse krijgsheren

De moord op vijf medewerkers van Artsen zonder Grenzen toont aan hoe onveilig Afghanistan is. De internationale gemeenschap komt beloften nauwelijks na.

De reiziger in het noorden en westen van Afghanistan krijgt al snel de illusie dat het wel meevalt met de gevaren. Langs de stoffige wegen liggen her en der roestige resten van tanks en pantserwagens, maar die dateren doorgaans van conflicten van jaren geleden. Het aantal wachtposten, dat eerst onder de mujahedeen en later onder de Talibaan de reizigers op grote schaal terroriseerde, is drastisch verminderd. De voornaamste hindernis vormen nu de ontelbare kuilen en hobbels in de weg en een enkele overgebleven landmijn.

Toch kan het gevaar overal op de loer liggen, zoals de moord van woensdag op de vijf medewerkers van Artsen zonder Grenzen, onder wie een Nederlander, in de westelijke provincie Badghis aantoont. Juist dit gebied gold als een van de meer stabiele in het land. Anders dan in het roerige zuiden en oosten waar de Amerikanen nog steeds zijn gewikkeld in verbitterde gevechten met de overblijfselen van de Talibaan en Al-Qaeda, deinzen de meeste hulporganisaties er niet voor terug in Badghis en het naburige Herat te werken. Wie er achter de moorden zit, is niet duidelijk.

Ruim twee jaar na het aantreden van de regering van president Karzai blijft echte stabiliteit in Afghanistan ver te zoeken. De macht van de centrale regering strekt zich nog altijd nauwelijks buiten Kabul uit. Elders maken grote en kleine krijgsheren de dienst uit. Ze houden er privé-legers op na, die ze deels financieren uit inkomsten van de papaverteelt en de heroinehandel. Afghanistan is op het moment goed voor 75 procent van de heroïneproductie in de wereld.

De vertegenwoordigers van Karzai in de provincie staan vaak machteloos. ,,De commandanten met hun eigen legertjes krijgen alles met hun wapens en geld gedaan'', klaagt gouverneur Mohammed Momozai van de noordelijke provincie Baghlan in zijn met fleurige kunstbloemen versierde kantoor in de stad Pul-i-Khomri. ,,Als de regering in Kabul de krijgsheren niet aanpakt, kunnen wij het ook niet.'' En die regering-Karzai kan op haar beurt weer niets uitrichten zonder steun van de VS en de NAVO. Die hebben echter weinig trek in optreden tegen de krijgsheren – een NAVO-bijeenkomst over uitbreiding van de vredesmissie eind juni wordt uitgesteld wegens het gebrek aan animo. ,,Natuurlijk zijn wij nu niet van plan de krijgsheren aan te pakken'', zegt generaal Wolfgang Korte, de Duitse onderbevelhebber van de circa 6.500 man tellende vredesmacht ISAF in Kabul. ,,De krijgsheren schrikken er niet voor terug militaire macht te gebruiken als ze zich bedreigd voelen.''

Dankzij ISAF is de toestand in Kabul gunstig vergeleken met de provincie. De ruim anderhalf miljoen inwoners van Kabul kunnen weer rustig over straat. De avondklok is afgeschaft. Veel leden van de internationale gemeenschap zijn minder te spreken over de veiligheid. Ze wijzen erop dat er ook in Kabul de afgelopen weken buitenlanders zijn gedood of bedreigd. Bijna twee weken geleden sneuvelde een Noorse ISAF-militair bij een aanval midden in de stad. Kort daarvoor waren een Zwitserse en een Noorse toerist onder mysterieuze omstandigheden om het leven gekomen in een park. ,,We gingen vorig jaar meer buiten de deur eten dan dit jaar'', zegt een Europese diplomaat.

Op een conferentie in Berlijn over Afghanistan begin dit jaar werd afgesproken om voor de geplande verkiezingen voor het presidentschap en het parlement 40 procent van alle milities van de krijgsheren te ontwapenen. Dat zou neerkomen op de ontwapening van tienduizenden mannen. Het is tot nu toe echter gebleven bij enkele honderden.

Sommige krijgsheren leveren voor de vorm een kleine bijdrage aan de ontwapening maar gaan overigens ongestoord hun gang. ,,Het loopt ongelooflijk moeizaam met die ontwapening'', bevestigt een diplomaat.

Een grote vraag is ook hoe het met die verkiezingen zelf afloopt. Ze stonden aanvankelijk voor deze maand gepland, maar zijn tot september uitgesteld. Een grote campagne om alle rond de tien miljoen kiezers te registreren is nog in volle gang. Maar vooral in het zuiden en oosten gaat het langzaam, deels door aanhoudende gevechten en deels doordat de conservatieve mannen hun vrouwen niet buitenshuis willen laten gaan om zich aan te melden. Als maar een beperkt aantal mensen uit het zuiden en oosten meedoet, verliezen de verkiezingen aan geloofwaardigheid. Daar wonen immers hoofdzakelijk Pathanen – de grootste etnische groep van Afghanistan – die zich toch al buitengesloten voelden door de huidige regering. ,,Het is belangrijk een evenwicht te bereiken bij de registratie'', zegt Reginald Austin, een Zimbabweaan, die namens de VN adviseert bij de campagne. ,,Als het te onevenwichtig is, moet je overwegen de verkiezingen te annuleren.''

Dat zou een lelijke streep zijn door de rekening van de Amerikanen. President Bush zou graag de presidentsverkiezingen ingaan met succesvolle Afghaanse verkiezingen achter de rug. Ook de EU heeft zich steeds krachtig uitgesproken voor verkiezingen, maar neemt intussen een ambivalent standpunt in. ,,We betalen zelf mee aan de organisatie van de verkiezingen maar we zijn niet bereid waarnemers te sturen, omdat we dat te gevaarlijk vinden'', zegt een diplomaat. Ondanks alle beloftes dat ze Afghanistan niet in de steek zullen laten, blijken de meeste westerse landen nauwelijks bereid de daad bij het woord te voegen. ,,Het is grotendeels retoriek gebleken'', aldus VN-adviseur Austin.