Alles en iedereen in de gezinsauto

De zomervakantie komt eraan. Waarin gaat het gezin op reis? De moderne gezinsauto is veel meer dan een nuttig vervoermiddel voor kleine groepen. Stoelen verdwijnen in vloeren, zonneschermpjes verschijnen vanuit de portieren, hoofdsteunen bevatten beeldschermen. Rest alleen een probleempje met een bananenschil.

De eisen aan een gezinsauto zijn eenvoudig.

Er moeten veel kinderen in kunnen (vriendjes, vriendinnetjes, het voetbalelftal).

Er moet plaats zijn voor ondersteunend materieel als kinderwagens en fietsjes. (Dit testgezin heeft ooit een goed functionerende Volkswagen Golf ingeruild tegen een Peugeot 306 omdat de Maxi Taxi niet in de kofferruimte paste).

Er moet een goede geluidsinstallatie in zitten. (Tijdens de lange ritten verhogen hoorspelen en meezingliedjes het rijplezier).

En airconditioning. (Zodat de kinderen na een plasstop in zomers Frankrijk zeggen: ,,Pap, mogen we alsjeblieft weer snel verder rijden?'')

En centrale deurvergrendeling met afstandsbediening. (Wel eens geprobeerd met één kind op de arm en een tas aan de andere het sleuteltje in het slot te krijgen?)

En tenslotte: de auto moet serieus rijden. (Je wilt tenslotte ook wel eens andere gezinnen kunnen inhalen.)

Uitgangspunt in deze niet professionele test is de Peugeot 307 SW (vanaf 22.050 euro): auto van het jaar 2002, trekauto van het jaar 2003 en nu eenmaal de vaste auto van het testgezin. Hij voldoet aan alle bovenstaande eisen. Vlak voor de aanschaf adviseerden niet-gezinsrijdende autokenners nog de gewone en iets voordeligere 307 stationcar, opdat de rest van het geld kon worden gestoken in een grotere motor of een notenhouten dashboard, maar dan had de auto meteen al aan de eerste eis niet voldaan. Het kunnen weghalen of juist bijplaatsen van stoelen (tot maximaal zeven) is echt wel een dashboard waard. Verder heeft de SW een `panoramadak' van glas, waardoor de passagiers achterin ook iets te kijken hebben. Ga in een gewone auto eens achterin zitten en u begrijpt meteen waarom kinderen die leuke ritjes langs bezienswaardigheden vaak niet leuk vinden: ze zien helemaal niets.

Afijn, stel dat dit gezin (vader, moeder, twee kinderen van vijf en zeven) nu een andere auto zou moeten kopen – zou de Fiat Doblo dan wat zijn? Die is er sinds kort als zevenzitter, met een extra bank achterin. De Doblo (vanaf 13.895 euro, gereden de 1.6 16 V Family: 16.945 euro) heeft geen elektronisch bedienbare airconditioning, geen lampjes bij het spiegeltje in de zonneklep, geen lades onder de voorstoelen, geen gekoeld dashboardkastje, geen handig opbergvakje tussen de voorstoelen, geen opklaptafeltjes voor de kinderen. En geen status. Hij is wel duizenden euro's goedkoper.

Wat de Doblo wel in overvloed heeft, is ruimte. Waar de passagiers op de achterste twee stoelen in de 307 SW voor hun eigen comfort beter niet groter kunnen zijn dan 1,60 meter, passen in de Doblo zeven volwassenen. De auto is makkelijk wendbaar en rijdt prima. Tot 140 kilometer per uur, daarboven laat de wind zich horen en moet de cd van Pluk worden bewaard tot een volgende keer. De schuifdeuren van de Doblo blijken handig te zijn in krappe parkeergarages. Laat uw Doblo echter niet van achteren klem zetten want dan moet u eerst een heel eind naar voren rijden om de boodschappen in te laden: de achterklep is namelijk gigantisch. De Doblo is er ook met deurtjes van achteren, maar dan weer niet als zevenzitter, omdat anders de tweede achterbank er niet in en uit kan. Maar ja, dat in en uit klinkt toch al handiger dan het is: want waar láát je het ding dan? Praktischer is het om alleen de leuning plat

te leggen, en de boodschappen erbovenop.

Juist wel veel technische snufjes heeft de nieuwe Renault Scénic (vanaf 21.045 euro, gereden de Grand Scénic 1.9 Dynamique, 31.045 euro). Wat denkt u hiervan: je loopt ernaar toe – kind aan de ene hand, boodschappentas in de andere – en de portieren worden vanzelf ontgrendeld! (Als je tenminste de sleutel, bij Renault een soort creditcard, in je zak hebt.) Vanuit de achterportieren zijn zonneschermpjes omhoog te trekken, dus geen gedoe meer met spuug en zuignapjes. De middenconsole tussen beide voorstoelen kan naar voren en naar achteren worden geschoven, net hoe het de bestuurder én de eventueel langbenige derde passagier op de achterbank uitkomt.

Maar waar laat ik mijn vierde passagier? Tijdens een ritje naar zwemles blijkt: voorin. Bij een auto die zoveel biedt, zo magistraal rijdt en van binnen zo ruim is, valt dat tegen. Wie een actief ouder wil zijn én een Scénic wil rijden moet dus 1500 euro extra uittrekken voor de net geïntroduceerde Grand Scenic. Die is 23 centimeter langer en heeft achterin twee extra stoelen. Daarmee is het een volwassen zevenzitter, waarbij overigens net als bij de 307 SW die passagiers helemaal achterin niet volgroeid moeten zijn. Dé grote vooruitgang is wat er met die stoelen kan als de achterbak nodig is voor bagage. Ze hoeven niet meer te worden

opgeslagen in gang of schuur. Klap ze

in en ze verdwijnen in de vloer van de auto.

Directe concurrent van de Scénic is de eveneens net vernieuwde Toyota Corolla Verso (vanaf 22.290 euro, gereden de 1.8 16v Linea Sol 26.990 euro). Deze auto is eveneens in Frankrijk ontworpen, maar iets robuuster om te zien. Waar bij Renault comfort het sleutelwoord is, lijken de ontwerpers van Toyota te hebben beseft dat de man meer dan alleen gezinshoofd wil zijn. De motor fluistert: probeer me, probeer me. Wie dat doet, zit zo op 160. En de geluidsinstallatie doet het dan nog prima. Ook Toyota heeft over het omgaan met de stoelen op de derde rij goed doorgedacht: neergeklapt vormen ze een egale vloer, samen met de stoelen op de tweede rij zelfs één hele grote. Wie naar Ikea moet, kan meteen voor de buurman ook iets meenemen.

De Corolla Verso biedt ook oplossingen voor problemen waarvan ieder voor zich maar moet uitmaken of het wel problemen zijn. Bij het achteruit inparkeren verschijnt er op het scherm van het navigatiesysteem een opname van wat er achter de auto gebeurt. De achterklep bevat daarvoor een camera. De grille idem: zodra de auto in de eerste versnelling staat kan de bestuurder via het scherm naar rechts en naar links kijken, vanuit een meer naar voren geplaatste positie dan waar hijzelf zit. Bedoeld voor wie uit een klein straatje een onoverzichtelijke drukke straat in moet rijden.

En tenslotte is er natuurlijk de auto waar elk gezinshoofd wel eens aan denkt: de Chrysler Voyager (vanaf: 29.230 euro, gereden de Grand Voyager 3.3 V6 LX automaat 45.880 euro). Dit is geen auto voor een gezin met kleine kinderen, maar voor een gezin met grote kinderen, zeker als u de Grand Voyager kiest. Zeven volwassenen zitten uiterst comfortabel, en hun bagage kan ook nog mee. Bij het rijden merkt de bestuurder niets van al dat gewicht. De Voyager is een vliegtuig op wielen en als bestuurder verwacht je eigenlijk dat één van de zeer vele knopjes op het dashboard bedoeld is voor `vleugels uit en opstijgen'. Dat is helaas niet het geval en in de nauwe straatjes van een stad begin je dat wel te missen.

De Voyager heeft alle bekerhouders, opberglades en vakken die men zich wensen kan, en alles kan eruit wanneer de auto dienst moet doen als verhuiswagen. Op het oog een overbodige luxe, maar in de praktijk toch handig zijn de vanaf de bestuurdersstoel elektronisch te bedienen zijdeuren. De luie of juist zeer gehaaste vader kan vriendjes en vriendinnetjes bij hun huis afzetten zonder zelf de auto uit te hoeven.

Kortom, voor de vakantierit naar Zuid-Frankrijk is de Voyager ideaal. Wie ook in de stad nog veel voor zijn werk moet rijden komt misschien eerder uit bij de Scénic of de Corolla Verso. Wie niet wil betalen voor technisch vernuft of fraaie lijnen, kan prima toe met een Doblo.

En dan blijft er nog één probleem onopgelost. Ouder geeft kind banaan. Kind eet banaan en geeft schil terug. Wat doet ouder met schil? Heren ontwerpers, het kan toch niet zo zijn dat in uw schitterende vindingen, uitblinkend in vernuft en veiligheid, de passagier rechtsvoor altijd met een vies plastic zakje met afval moet zitten? Waar blijft de prullenbak?