Topman van IOC in cel voor corruptie

De Zuid-Koreaanse vice-voorzitter van het Internationaal Olympisch Comité (IOC), Kim Un-yong, is vandaag in Seoul veroordeeld tot tweeënhalf jaar gevangenisstraf wegens corruptie en verduistering. De rechtbank legde hem ook een boete op van 780 miljoen won, omgerekend ongeveer 550.000 euro.

De 72-jarige Kim is voormalig voorzitter van de internationale taekwondofederatie. Justitie beschuldigde hem er onder meer van dat hij in die functie grote bedragen in eigen zak heeft gestopt. Bij de internationale taekwondofederatie zou hij 3,84 miljard won (2,7 miljoen euro) hebben verduisterd en aan steekpenningen zou hij 810 miljoen won (570.000 euro) hebben aangenomen. De politie nam eerder dit jaar bij een inval in zijn huis een miljoen dollar aan contanten in beslag.

Kim was bij het IOC sinds 23 januari voorlopig geschorst. Bij de verkiezingen voor de opvolging van IOC-voorzitter Juan Antonio Samaranch eindigde hij drie jaar geleden als tweede, op ruime afstand van de Belg Jacques Rogge.

Justitie had zeven jaar celstraf geëist tegen Kim, die alle beschuldigingen ontkende. Hij zei dat hij het geld had uitgegeven in het belang van Zuid-Korea en om er zeker van te zijn dat taekwondo een olympische sport zou worden. Taekwondo heeft die status sinds de Zomerspelen van Sydney 2000.

In 1999 werd Kim nadrukkelijk gewaarschuwd door het IOC voor zijn rol in het omkoopschandaal rond de Winterspelen van 2002 in Salt Lake City. In juli vorig jaar werd hij herkozen als vice-voorzitter van het IOC.