Scène

De bioscoop had een hoge, royale hal waarin de kassa, halverwege de vloer, maar een nietig object was. Het was er bijna leeg toen ik een kaartje wilde kopen. Voor de balie van de kassa stonden drie bezoekers, van wie ik even veronderstelde dat ze bij elkaar hoorden.

Een vrouw van middelbare leeftijd bevond zich tussen twee jongere mannen. De bijna kale man links van haar droeg een spijkerbroek en een bruinleren jack. Hij praatte achter haar langs op een achteloze manier met de man rechts van haar, een donkerharig, lacherig type.

Zij wachtten tot de kassabediende achter de balie klaar was met het geanimeerde telefoongesprek dat hij zittend voerde. Uit het gesprek van de drie bezoekers bleek dat de mannen iets later waren gekomen en zich, al wachtend, naast de vrouw hadden opgesteld. Zij betrokken haar af en toe in hun luidruchtige dialoog, maar de vrouw leek er slechts met tegenzin aan deel te nemen.

De kale man duwde zijn stevige bovenlichaam steeds verder over de balie, terwijl hij de kassabediende monsterde. Dat was een man van half in de twintig met een lichtbruine teint.

,,Die Indische jongens hebben altijd veel tijd nodig'', zei de kale man tegen zijn maat. ,,Valt jou dat ook niet op?''

De vriend grinnikte.

,,Het is me wat, mevrouw'', zei de kale op ironische toon tegen de vrouw.

Ze haalde haar schouders lichtjes op. ,,Ach, ik heb wel even de tijd.''

,,U-heeft-wel-even-de-tijd'', herhaalde de kale quasi nadenkend. Toen sloeg hij met zijn vlakke hand op de balie. ,,Nou, ik misschien wel niet'', riep hij naar de bediende.

,,Zou-ie wel Indisch bloed hebben?'' vroeg de maat.

,,Absoluut'', zei de kale, ,,het is een heerlijke, vette Indo.''

De kassabediende lachte nog altijd aan zijn telefoon, maar het was een geforceerde lach geworden. Hij maakte snel een einde aan het gesprek en wendde zich tot de klanten.

,,Goed zo'', zei de kale en hij legde een stuk bedrukt papier op de balie. ,,Ik moet hierover dringend iets met jouw baas regelen'', zei hij terwijl hij op het papier tikte, ,,want ik geloof dat er een vergissing is.''

,,U bedoelt meneer Klavermans?''

,,Precies, die bedoel ik'', zei de kale. Hij praatte nu alleen nog maar op een lijzig-laconieke manier waar een vage dreiging vanuit ging.

,,Hij is er vandaag niet'', zei de bediende.

De kale plantte zijn handen op de balie en zei: ,,Zeg hem vooral dat we graag een afspraak met hem maken. Want er klopt iets niet. En laat het niet te lang duren, want er gebeuren tegenwoordig al genoeg gekke ongelukken met mensen.''

Hij wendde zich af en zei in het voorbijlopen tegen mij: ,,Vindt u ook niet, meneer?''

,,Nou en of'', zei ik.

Hij lachte kort en riep naar de kassabediende: ,,Hoor je het? Die meneer vindt het ook.'' Toen liep hij verder de hal in, luchtig pratend met zijn maat.

De vrouw en ik bleven in bevroren houding achter. Moesten wij nog een kaartje voor de nieuwe Tarantino kopen, of hadden wij de sleutelscène al gezien?