Gezond, nooit ziek en toch massaal naar de huisarts

Terwijl ruim driekwart van de Nederlanders boven de 16 jaar zegt gezond en vrijwel nooit ziek te zijn, is 80 procent het afgelopen jaar toch naar de huisarts geweest. Daarvan ging bijna de helft zelfs drie keer of meer.

Toch gaan Nederlanders voor de meest voorkomende klachten, zoals verkoudheid, hoesten, hoofd- of keelpijn, diarree en griep, minder vaak naar de huisarts dan de Belgen, Fransen of Duitsers. Maar bij andere aandoeningen gaan ze, net als de Britten, juist weer twee zo vaak naar de huisarts.

Dit blijkt uit onderzoek van de Raad voor de Volksgezondheid & Zorg. Het onderzoek dient ter voorbereiding van het advies over het gepast gebruik van de zorg, het tegengaan van overconsumptie, dat volgende week aan minister Hoogervorst (Volksgezondheid) wordt aangeboden.

Vooral mensen met rugpijn, nek- of armklachten, huidklachten, hooikoorts en oorpijn stappen in Nederland relatief vaak met hun kwaal naar de huisarts. Bij verkoudheid en diarree gebeurt dat in vergelijking met de andere kwalen juist relatief weinig. De Belgen, Duitsers en Fransen gaan vooral bij verkoudheid, keelpijn en griep aanzienlijk vaker naar de huisarts dan Nederlanders en Britten.

Dat verschil in huisartsenbezoek komt deels overeen met de mate waarin in de verschillende landen een ongemak ook als last wordt ervaren. Kennelijk ervaren veel mensen bijvoorbeeld hoofdpijn als iets wat af en toe bij het leven van alledag hoort.

Zo blijkt de Nederlander hoofd-, spier- en keelpijn veel minder vaak hinderlijk te vinden dan de inwoners van de andere bij het onderzoek betrokken landen.

Zo'n 10 procent van de Nederlanders ging afgelopen jaar zes keer of meer de huisarts. De leeftijd maakt niet zo veel uit voor het bezoek aan de huisarts, pas na het 65ste jaar neemt het aantal mensen dat vaak (drie keer of meer) naar de huisarts gaat duidelijk toe. Vrouwen bezoeken hem bij dezelfde kwaal eerder dan mannen.

Van de Nederlanders vindt 42 procent het ook dat je beter een keer te vaak dan een keer te weinig naar de arts kunt gaan. Onder de 65-plussers deelt bijna de helft (49 procent) die mening. Minder dan een kwart (22 procent) van de ondervraagden ziet daar weinig heil in.