Een kind van de invasie

Zondag is het zestig jaar geleden dat de bevrijding van Europa begon. Op D-day was er in het Zuid-Hollandse Bolnes een vader die zijn pasgeboren dochter naar de invasie wilde vernoemen.

Op dinsdagmiddag 6 juni 1944 werd in het huis van aannemer Arie Heiden in Bolnes een kind geboren. De omstandigheden waren niet ideaal, het was oorlog en het voedsel was op de bon. Maar de bevalling verliep voorspoedig en in de keuken, waar hij in nerveuze afwachting de ene met de andere sigaar aanstak, vernam de vader dat het een meisje was.

Alweer een dochter. Hij had er nu drie, en maar één zoon. Hij had liever nog een zoon gehad, want voor meisjes zat in de aannemerij geen toekomst. Maar helaas, kinderen kon je niet metselen. En dit was niet het moment om van zijn teleurstelling blijk te geven. Hij omhelsde zijn vrouw in het kraambed en toen de vroedvrouw hem het kind toonde, schoot zijn gemoed vol.

Het was hun tweede `oorlogskind'. Toen het eerste in 1941 op komst was, had hij ook gehoopt dat het een zoon zou zijn. Hij had al een naam voor de jongen bedacht die anders was dan de namen die van generatie op generatie in zijn familie werden vernoemd. Er waren nu wel genoeg Aries, Jannen, Henken en Siemen. Hij had zijn gedachten er al over laten gaan toen zijn vrouw in de vierde maand was en hij in februari de Elfstedentocht had gereden. Het was een mooie tocht geweest, het weer was zacht en het ijs goed. Hij had zijn eerste Elfstedenkruisje gekregen, want het jaar daarvoor had hij de tocht moeten staken wegens te veel sneeuw en onbetrouwbaar ijs.

Hij zou de jongen een naam geven die tot de verbeelding sprak van iedereen de vrijheid liefhad: Franklin Delano, naar president Roosevelt van de Verenigde Staten van Amerika en de man van de Vier Vrijheden: vrijheid van godsdienst en meningsuiting, vrijwaring van honger en angst. Dat sprak hem wel aan. Zijn vrouw had geprotesteerd, want haar vader was aan de beurt om vernoemd te worden. Maar Arie Heiden was er de man niet naar om zich door dat soort argumenten uit het veld te laten slaan.

Maar het was een meisje en zowel de moeder als beider schoonouders waren het er gezien de omstandigheden over eens dat ze Juliana zou heten. En dan ook helemaal. Met een zekere bravoure liet hij haar in het geboorteregister van de gemeente Ridderkerk, waartoe Bolnes hoorde, inschrijven met de namen: Juliana Louise Emma Marie Wilhelmina van voor, Heiden van achteren. Het was een vorm van verzet die in het kleine dorp wel vaker werd gepleegd. Zijn dorpsgenoot Punt, die op de scheepswerf van Boele werkte, had zijn zoon de namen van prins Bernhard gegeven: Bernhard Leopold Frederik Everhard Julius Coert Karel Godfried Pieter. Toen Punt tenslotte Punt zei, dacht de ambtenaar van de burgerlijke stand dat hij voor de gek werd gehouden. Drie maanden later werd het vernoemen naar leden van de koninklijke familie door de Duitsers verboden.

De namen Beatrix of Margriet kwamen daarom voor zijn pasgeboren dochter niet in aanmerking. Maar Arie Heiden had wel een idee. Zijn vrouw zou het er niet mee eens zijn, maar dat was nog geen reden om er niet mee voor de dag te komen. Integendeel, het was juist de kunst om haar en de hele familie uit te dagen. Je moest dat slim aanpakken, niet met tromgeroffel, maar langs je neus weg een naam noemen. En dan afwachten wat de reactie was.

Het hele jaar waren er al geruchten over een op handen zijnde invasie van de geallieerden. In mei 1943 waren de radiotoestellen in beslag genomen, maar er waren mensen in Bolnes die hun toestel hadden verstopt. Op Radio Oranje hoorden ze de berichten over de oorlogshandelingen. Zeker was dat de soldaten van zijn geliefde Franklin Delano Roosevelt hen van de moffen kwamen bevrijden. Wanneer de invasie precies zou plaatsvinden werd natuurlijk niet medegedeeld. Maar lang kon het niet meer duren. Als hij zijn dochter nu eens Invasia zou noemen. Zou dat niet mooi zijn, Invasia Heiden, daar zouden ze in Ridderkerk van opkijken.

Drie dagen later, toen hij zijn dochter moest gaan aangeven, hoorde hij dat de invasie op de dag van haar geboorte in Normandië was begonnen. We noemen haar Invasia, zei hij tegen zijn vrouw. Maar daar wilde ze niets van weten, ze wilde niet dat haar dochter met zo'n gekke naam door het leven moest. En bovendien, wist de familie die op kraamvisite was gekomen, dat Invasia een niet bestaande naam was en dat mocht zelfs in vredestijd niet.

Arie Heiden grinnikte wat langs zijn sigaar weg. Het was toch een mooi idee geweest. Hij had er vrede mee dat zijn jongste dochter Maria Willy werd genoemd, naar haar moeder en naar zijn lievelingszus. Maar voor hem bleef ze Invasia, zijn D-day baby, kind van de bevrijding die aanstaande was.