Bush was nooit boos op Chirac

Was de Amerikaanse president George W. Bush een Irakees geweest, hij zou de Amerikaanse bezetting van zijn land als `een last' beschouwen. ,,Uiteraard'', zegt hij er zelfs bij in een vandaag verschenen interview met het Franse weekblad Paris Match. ,,Ikzelf zou het niet kunnen verkroppen als mijn land bezet werd'', zegt hij ook. Op de vraag of het Iraakse verzet alleen uit terroristen bestaat, antwoordt hij: ,,Nee, niet allemaal. [...] De plegers van zelfmoordaanslagen zijn terroristen maar de andere strijders niet. Die vinden het vreselijk bezet te worden. Ik en ieder ander zou het in hun plaats ook niet leuk vinden.''

De uitspraken maken deel uit van een charme-offensief dat de Amerikaanse president en zijn vrouw Laura ondernemen in de Franse pers, aan de vooravond van hun deelname, aanstaande zondag, aan de zestigste herdenking van de landing van de geallieerde troepen op de Normandische kust. Laura Bush gaf in het Witte Huis een gisteravond uitgezonden interview aan de omroep France 2, waarin zij zei:,,Ik denk dat Frankrijk aan onze zijde zal staan om Irak op te bouwen. Ik geloof dat wij altijd vrienden zullen blijven. Ik hoop het.''

President Bush zegt in Paris Match ,,nooit boos'' te zijn geweest op de Fransen, en voegt daaraan toe dat ,,het vandaag tijd is om samen te werken''. Hij noemt de landing van de geallieerden ,,het symbool van het met elkaar verzette werk uit naam van de waarden die ons verbinden'' en zegt dat het ,,een interessant moment in de geschiedenis'' is om samen op de Normandische stranden te staan. Op de vraag of, gezien de `vriendschap', de Franse president Jacques Chirac spoedig uitgenodigd zal worden op Bush' ranch in Texas, antwoordt de Amerikaanse president: ,,Als hij zin heeft om naar koeien te komen kijken, is hij welkom. Hij kan naar koeien komen kijken.''

Gisteren, een dag voor de publicatie van het interview met Bush, zei Chirac eveneens ,,nooit boos'' te zijn geweest ,,op de president van de Verenigde Staten''. ,,En ik heb nooit de indruk gehad in mijn contacten met hem dat hij boos was op mij.'' De president zei tijdens een gezamenlijke persconferentie met de Ierse premier Bertie Ahern het ,,normaal'' te vinden, dat er ,,verschil van inzicht'' bestaat. ,,Ieder verdedigt zijn eigen overtuiging. Ik heb dat altijd zonder enige agressie gedaan.'' Chirac zei ernaar uit te zien op 6 juni ,,iets essentieels'' te herdenken. ,,Dat wil zeggen de enorme dankbaarheid van de Fransen en van de Europeaan in het algemeen jegens de Amerikanen.'' Die waren destijds gekomen ,,om ons hun hulp en bloed te geven''.