Agnosticisme of atheïsme 3

Prof. Willem B. Drees heeft eindelijk een goed antwoord gegeven op de mening van atheïsten à la Karel van het Reve. Agnosticisme, zo betoogt hij kort weergegeven, is beter dan atheïsme.

De atheïst, zo kunnen we merken, heeft al gauw zijn mening klaar en vindt het zelfs vaak van een gebrek aan intellectuele moed getuigen om geen mening te willen of durven hebben over het bestaan van God. Ook komt hij dan met verouderde anti-Godsbewijzen aan als: God is volmaakt. Niets wat bestaat is volmaakt, dus...

Dat is een goedkope omdraaiing van een oud Godsbewijs van de scholastici, welke bewijzen reeds generaties om logische redenen in de ban zijn gedaan.

Ook worden dooddoeners gebruikt door atheïsten als de vraag: `Ben je ook agnost ten aanzien van het bestaan van heksen en kabouters'. Zelfs hebben we een verzonnen nieuw godsbeeld in de vorm van een almachtige, grillige, kwaadaardige en humorrijke Hobberlop zien gebruiken in deze discussie. Het Hobberopisme heeft echter maar weinig aanhangers gekregen door de onaantrekkelijkheid van zo'n levensbeschouwelijke richting.

Dat alles zegt echter niets over de juistheid van een basishouding tegenover het transcendente. In de wetenschapsfilosofie is door Karl Popper terecht gewezen op de relativiteit van de waarheid van nieuwe theorieën: elke theorie, zegt Popper, is slechts min of meer geldig zolang er geen betere verklaring is gevonden. Het is de taak van elke wetenschapsbeoefenaar om te zoeken naar falsificatie van bestaande theorieën.

Drees heeft dus juist bij een zeer vooraanstaande beoefenaar van de wetenschapsfilosofie een belangrijke medestander. Alle wetenschappelijke kennis heeft slechts een beperkt waarheidsgehalte. Een betere ondersteuning van zijn betoog had Drees zich niet kunnen wensen. Helaas lijkt hij dit over het hoofd te hebben gezien. Toch dienen we alle waardering te hebben voor zijn apologie van het agnosticisme. Helaas wordt het door te weinigen gedeeld.