Werkloosheid in eurozone stijgt verder naar 9 procent

De werkloosheid in de eurozone is in april verder gestegen. In die maand kwam de werkloosheid 0,1 procentpunt hoger uit, op 9 procent van de beroepsbevolking.

Ter vergelijking: in april 2004 was de werkloosheid in de Verenigde Staten 5,6 procent en in Japan 4,7 procent.

Dat blijkt uit cijfers van Eurostat, die het Europese bureau vandaag op zijn website publiceerde. De cijfers zijn voor seizoensinvloeden gecorrigeerd.

Ten opzichte van de (herziene) cijfers voor maart dit jaar bleef de werkloosheid in de eurozone even hoog.

Sinds voorjaar 2001 vertoont de werkloosheid in de eurozone een langzaam stijgende lijn; in april 2001 was nog 8 procent zonder werk in de twaalf landen met de euro.

Voor alle 25 EU-landen bleef de gemiddelde werkloosheid overigens stabiel op 9,1 procent: zowel vergeleken met vorig jaar als vergeleken met vorige maand. Van de hele Europese Unie heeft Nederland de snelst stijgende werkloosheid. Het percentage steeg van 3,5 in maart 2003 naar 4,7 in maart dit jaar – het laatst bekende cijfer voor ons land. Daarmee heeft Nederland overigens nog aldoor weinig werklozen vergeleken met de overige EU-landen. Alleen Luxemburg (4,2 procent), Cyprus (4,4 procent), Ierland en Oostenrijk (beide 4,5 procent) hebben een lager percentage dan Nederland.

Relatief de meeste werklozen zijn te vinden in Polen (18,9 procent), maar ook Duitsland (9,8 procent) heeft te weinig werk voor iedereen. Polen is ook het land met veruit de hoogste jeugdwerkloosheid. Van de jongeren heeft daar liefst 39,6 procent geen baan.

Nederland had lange tijd de laagste jeugdwerkloosheid van de hele Europese Unie. Maar door een stijging van 7 naar 9 procent in een jaar tijd, moet ons land Oostenrijk en Ierland nu voor laten gaan. Gemiddeld zijn in de eurolanden 17,3 procent van de jongeren zonder werk. Voor alle 25 EU-landen is dat 18,1 procent.

Onder mannen is de werkloosheid in de eurozone in april 2004 toegenomen tot 8 procent vergeleken met 7,8 procent een jaar geleden. Onder vrouwen bedroeg in april de werkloosheid 10,3 procent, dat is 0,1 procentpunt hoger dan een jaar geleden.

In de hele EU bleef de werkloosheid onder zowel mannen als vrouwen even hoog, respectievelijk 8,3 en 10,0 procent, vergeleken met een jaar geleden.

Eurostat schat dat in april 2004 in de eurozone 12,7 miljoen mannen en vrouwen en in de hele EU 19,3 miljoen mannen en vrouwen werkloos waren.