Nederlanders voelen zich opnieuw veiliger

Het gevoel van onveiligheid in Nederland neemt af. Dit blijkt uit de uitkomsten van de nieuwste Politiemonitor, de jaarlijkse peiling op het gebied van veiligheid. De uitkomsten zijn door de ministers Remkes (Binnenlandse Zaken) en Donner (Justitie) naar de Tweede Kamer gestuurd. Voor de politiemonitor vulden 50.000 mensen een vragenlijst in.

Twee jaar geleden lag het percentage Nederlanders dat zich onveilig voelde net boven 30 procent. In 2004 heeft ruim een kwart van de bevolking (26,9 procent) wel eens een onveilig gevoel. Daarmee wordt de daling van de laatste jaren doorgezet. Het onderzoek maakt verder duidelijk dat steeds minder Nederlanders zich vaak angstig voelen. Dit aantal ligt nu op 4,4 procent, een daling met 1 procent in twee jaar.

Inwoners van Amsterdam, Rotterdam en Den Haag voelen zich onveiliger dan mensen buiten de Randstad, met uitzondering van Zuidoost-Brabant en Limburg.

Nederlanders laten zich steeds minder gelegen liggen aan de gevaren op straat. Alleen het aantal mensen dat uit voorzorg kostbaarheden thuislaat nam licht toe. Daarentegen zijn er vergeleken met 2003 minder Nederlanders die uit angst enge plekken in hun omgeving vermijden en hun kinderen verbieden ergens heen te gaan.

Gemeten over het hele land zien de ondervraagden verloedering van hun buurt minder als een probleem dan in voorgaande jaren. Dat gevoel wordt vooral in Den Haag, Rotterdam en Midden-Brabant minder, maar neemt in Amsterdam, de Zaanstreek en de rest van Noord-Holland weer toe.