Defensie laat oude tradities sneuvelen

Het ministerie van Defensie schrapt twee orkesten met een bijna 200-jarige geschiedenis: de Koninklijke Militaire Kapel en de Johan Willem Friso Kapel. Turf in je ransel.

Het nieuws van de opheffing is hard aangekomen, maar totaal onverwacht kwam het niet. ,,We worden al een paar jaar lang, door diverse reorganisaties, onderworpen aan een langzaam verstikkingsproces'', verklaart commandant P.J.M. van Boxtel van de Koninklijke Militaire Kapel. ,,Mede door het feit dat we het al drie jaar zonder een vaste dirigent moeten stellen, hebben we geen eerlijke kans gekregen om de positie van het orkest duidelijk te maken. Daardoor worden er op het ministerie beslissingen over een artistiek fenomeen genomen door mensen die geen verstand van muziek hebben. Mijn enige hoop – als ik die nog heb – is nu gericht op de Tweede Kamer.''

Gisteren heeft het ministerie van Defensie bekendgemaakt, dat de vier orkesten van de Koninklijke Landmacht per 1 januari worden wegbezuinigd. Het gaat om de Koninklijke Militaire Kapel in Den Haag, de Johan Willem Friso Kapel in Assen, het Trompetterkorps Bereden Wapens in Amersfoort en het Fanfarekorps Koninklijke Landmacht in Vught. Daarvoor in de plaats komen een drumfanfare en een harmonieorkest in Assen en een fanfarekorps in Vught. Van de huidige 194 muzikale functies blijven er 126 over – een verlies van 68 banen. In een eerder stadium had minister Kamp van Defensie er 92 willen schrappen.

Als er door de bezuinigingen minder kan worden gespeeld, moet dat volgens Kamp ten koste gaan van de concerten voor publiek. De ceremoniële functies, voor het Koninklijk Huis en op feest- en herdenkingsdagen, mogen niet in het gedrang komen. Tot dusver worden deze bij toerbeurt vervuld door alle militaire orkesten, waaronder ook de Marinierskapel en de Luchtmachtkapel die voorlopig buiten schot blijven.

De namen van de nieuwe orkesten zijn nog niet bekend. Maar nu al staat vast, dat er twee langdurige tradities gaan sneuvelen. De Johan Willem Friso Kapel begon in 1819, met 28 tamboers die het Stafmuziekkorps van het Eerste Regiment Infanterie vormden. En de Koninklijke Militaire Kapel dateert uit 1829, toen 18 musici toetraden tot het Regiment Grenadiers en Jagers van koning Willem I. Een paar jaar later bracht prinses Louise van Pruisen, de echtgenote van prins Frederik, een deuntje mee dat ze nog kende uit Potsdam. De prins gaf het aan kapelmeester François Dunkler, die er De Grenadiersmars van maakte. Een onbekende dichter voegde er de tekst Turf in je ransel aan toe – een verwijzing naar de soldaten die in hun patroontassen als tegengewicht voor hun zware ransel geen schoenen meedroegen, zoals het voorschrift luidde, maar turven. ,,De geoefendheid van dit corps, hetwelk nog slechts korten tijd bij elkander is geweest, wordt zeer geprezen'', schreef het Dagblad van `s-Gravenhage en Zuid-Holland al in 1830. In de loop van zijn bestaan heeft de KMK illustere dirigenten gehad, onder wie de brigadegeneraal dr. C.L. Walther Boer en de reserve-eerste luitenant Rocus van Yperen. De laatste paar jaar trad Jacob Slagter, eerste hoornist van het Concertgebouworkest, regelmatig op als gastdirigent. Hij waarschuwde vorig najaar voor verdere bezuinigingen: ,,Het aantal musici is zo ver gereduceerd, dat niemand zich kan veroorloven ziek te zijn – er is eenvoudigweg niemand om hem te vervangen.''

Op het programma van de KMK staan alleen al dit weekend drie concerten: een liefdadigheidsconcert in de Technische Universiteit in Delft, een optreden voor de jubilerende haven van Scheveningen en een concert in het Houtmanplantsoen in Gouda. Eind augustus volgt de jaarlijkse Taptoe, die voor het laatst in Breda wordt gehouden. Volgend jaar verhuist dit evenement waarschijnlijk naar de Brabanthallen in Den Bosch, omdat het ministerie van Defensie ook daarop wil bezuinigen.