Coup bij Marks & Spencer

De coup die de bestuurskamer van de Britse warenhuisketen Marks & Spencer op zijn kop zette, heeft de schijnwerpers opnieuw op Philip Green gericht. Lukt het de Britse detailhandelmiljardair, nu de oude garde aan de kant is geschoven, een bod te financieren dat aantrekkelijk genoeg is voor de aandeelhouders van Marks & Spencer? Het kostte Green niet zoveel moeite aannemelijk te maken dat hij meer kon doen met Marks & Spencer dan de weggestuurde topman Roger Holmes.

Maar het is een stuk lastiger dezelfde bewering overeind te houden, nu zijn tegenstander de hogelijk geprezen detailhandelaar Stuart Rose is. Hoewel Green een bestuurswisseling waarschijnlijk heeft zien aankomen, komt het hem niet goed uit dat die al heeft plaatsgevonden nog vóór hij zijn bod kon uitbrengen.

Green heeft weinig mogelijkheden om het door hem overwogen bod van geld en aandelen te verhogen. Het toevoegen van nog meer geld zou de rendementen voor hem en zijn mede-aandeelhouders alleen maar doen verwateren als dat door nog meer aandelenkapitaal zou worden gefinancierd. Hoewel het denkbaar is dat Green bereid is dit te aanvaarden als hij maar koning van de winkelstraat kan worden, zou het een verrassing zijn als zakenbank Goldman Sachs, zijn mede-investeerder, een lagere rendementdoelstelling zou accepteren bij zo'n grote en belangrijke transactie. Goldman trok zich vorig jaar uit de veiling van Debenhams terug toen de prijs omhoog ging. Het op zich nemen van meer schulden lijkt ook moeilijk, omdat een bod dat is gebaseerd op de aandelenkoers het percentage vreemd vermogen van Marks & Spencer op het hoogst haalbare niveau zou brengen.

Onder redactie van Hugo Dixon.

Voor meer commentaar:

zie www.breakingviews.com.

Vertaling Menno Grootveld.