Sissen en kraaien in klankgedicht

,,Ooka ooka ooka ooka Züüka züüka züüka Rumprmfmupmf.''

Actrice Antoinette Jelgersma spreekt die zinnen helder uit alsof zij ze volkomen snapt. Daarbij bestaat Kurt Schwitters' Oersonate toch voor de volle honderd procent uit een onzintaaltje. Uit, pardon, een geheel nieuwe taal, omdat de oude onklaar zou zijn gemaakt door het `Journalismus'. Schwitters en de andere dadaïsten verzetten zich tegen de verheerlijking van de Eerste Wereldoorlog in de media: hun kunst was antikunst. Maar het was ook een kunstvorm die levensenergie moest opwekken door het publiek van de druk der conventies te bevrijden.

Bijna honderd jaar na dato is dada museumkunst geworden waardoor de conventies toch weer drukken. We hebben bij het Nationale Toneel een expositie gezien die ons studieus heeft gestemd; we hebben een lezing gehoord die een eind heeft gemaakt aan onze onbevangenheid; en nu, een zaaltje hoger, proberen we oprecht verrast te doen. Dat lukt niet zo best. Wat wèl lukt: nauwkeurig luisteren en kijken. Dan zien we Jelgersma de wonderlijkste muziekinstrumenten bedienen.

Glazen wielen rijden knarsend over dunne snaren. Blaasbalgen puffen en hijgen en doen ook nog als verfkwasten dienst. Papier ritselt in de wind, een plamuurmes schuurt tegen een ander plamuurmes, een kogel rolt over de grond, een bijl slaat tegen een gong, een speelgoedpiano speelt vals. Uit speakers rollen echo's. Een batterij oude grammofoons wordt soms in werking gezet. Jelgersma, in zwart pak, holt van hot naar her; ze moet niet alleen de instrumenten aan de gang krijgen maar ook spreken, zingen, fluisteren, fluiten, zuchten en kraaien. Schwitters' doldwaze klankgedicht, als een echte sonate vierdelig, gunt haar weinig rust. Met als hoogtepunt een klompendans begeleid door schlagers en een trommelhoed die ooit een po was.

Toch kent deze explosie van oergeluiden ook momenten van inkeer, van stille melancholie, van schoonheid die aan de klankrijkdom van echte muziek kan tippen. Jelgersma schakelt soepel van register naar register en blijft ritmevast. Op het laatst kijkt ze een balletje na dat met veel geplingplong van een glijbaan roetsjt – zo simpel is dada, zo kinderlijk en geraffineerd.

Voorstelling: Oersonate van Kurt Schwitters door Het Nationale Toneel. Gezien: 29/5 in de Guido de Moorzaal van het Nationale Toneel, Den Haag. Aldaar t/m 12/6. Inl. 0900-3456789 of www.nationaletoneel.nl