Nederlandse politici: omarm Simon de V*kkenvuller

Sinds kort bestormt een eigenaardig nummer de top van de Nederlandse hitparades:

`V*kkenvuller' gezongen door een zekere Simon. In het nummer beschrijft Simon (echte identiteit onbekend) op humoristische wijze zijn dagelijkse werk als vakkenvuller in een supermarkt. Het nummer is ontstaan als parodie op een nogal smakeloos Amerikaans scheldliedje van de zanger Eamon, dat zich kenmerkt door veelvuldig gebruik van het woord `fuck', maar lijkt inmiddels uit te groeien tot een zelfstandig fenomeen. Wat begon als goed geslaagde grap op een bekend nummer, ontwikkelt zich tot iets serieus.

Vanwaar deze golf van genegenheid voor een parodie door een anonieme vakkenvuller? In het verleden zijn er vele parodieën geweest op succesnummers. Van André van Duin, tot Dingetje, tot Rubberen Robbie, de Nederlandse muziekgeschiedenis zit vol met dit soort hitjes. Met Simon, de vakkenvuller lijkt echter meer aan de hand te zijn.

Voor veel Nederlanders lijkt Simon symbool te staan voor de hardwerkende, brave burger, die netjes zijn best doet en die nooit de volgspot van de voortrazende media lijkt te halen. In een samenleving die gedomineerd lijkt door topondernemers, topadvocaten, topsporters, topcriminelen, toppolitici, topambtenaren en topshowbiztalenten, zien we nu eindelijk weer een herkenbare kleine man. Iemand uit de weggestopte arbeidersklasse die met ouderwets hard werken zijn brood verdient. Iemand die trots is op zijn baan en die opgewekt 's ochtends de deur achter zich dichttrekt. Geen `loser', die op de bodem van de maatschappij ligt, maar een beschaafde burger, die zonder klagen zijn werk doet. Net zoals dat naamloze legioen van buschauffeurs, wijkagenten, suppoosten, treinconducteurs, productiemedewerkers en noem ze allemaal maar op, dat ook doen.

Van de bijna 9 miljoen werkzame personen in Nederland behoort slechts een dunne bovenlaag tot de `glamour-beroepen', waarover de media zo graag berichten. Verreweg de meeste mensen doen relatief ondankbaar werk, dat nauwelijks wordt opgemerkt door radio, tv en schrijvende pers. En als er al iets over wordt bericht, is het vrijwel altijd negatief. Simon is de positieve personificatie van die zwijgende, werkende massa.

Natuurlijk, het is een grap. Natuurlijk, Simon is in zijn dagelijkse leven vast geen vakkenvuller. Natuurlijk, het nummer is zorgvuldig in de markt gezet door de platenmaatschappij. Dat weet iedereen, ook de mensen die hem zo snel in hun hart hebben gesloten. Toch lijkt Simon de Vakkenvuller een snaar geraakt te hebben bij de grote groep Nederlanders die zich genegeerd voelen door het establishment. Alsof hetzelfde verweesde deel van de samenleving dat opsprong voor Pim Fortuyn, eindelijk weer iemand heeft gevonden die ze een stem geeft: de kleine, onbeduidende vakkenvuller, die met zijn succes de bestaande artiesten de pas afsnijdt. De winnende underdog.

Wanneer die observatie waar is, zouden Nederlandse politici Simon heel snel moeten omarmen. Door te laten zien dat ze Simon waarderen en begrijpen, kunnen ze een klein beetje terrein terugwinnen in de richting van een groot deel van de samenleving. En nu eens een keer geen kritiek spuiende dandy, maar een bescheiden, vrolijke, trotse, harde werker. Liever zingend vakkenvullen dan apathisch op de bank hangen.

Als ik politicus was, zou ik het wel weten. Maar ja, dat is natuurlijk juist het probleem met Nederlandse politici. Die luisteren niet naar 3FM, Radio 538 of Yorin. En de hitparade volgen ze al helemaal niet. Stel je voor dat ze uitvinden wat er onder het volk leeft. Veel te verwarrend.

Dr. J.B.A. Ahlers is psycholoog en partner bij Brandsters, een bureau voor marketingadvies.