Op Curaçao is alles dubbel

Tegen de politieke stroom in zijn populaire politici als Anthony Godett op Curaçao veroordeeld wegens corruptie. Daar kan het mopperende Nederland een voorbeeld aan nemen, vindt rechter Bob Wit in Willemstad. `Hoeveel betrokkenen van de bouwfraude worden in Nederland vervolgd? Hoeveel hoge ambtenaren of politici zitten daartussen?'

De rechtsstaat op de Nederlandse Antillen balanceerde de afgelopen negen maanden op de rand van de afgrond. Vanaf het moment dat de Frente Obrero Liberashon (FOL) van partijleider Anthony Godett afgelopen augustus aantrad als grootste regeringspartij, hebben politici geprobeerd het openbaar ministerie, dat voor een belangrijk deel bestaat uit Nederlandse officieren van justitie, te breken. Dat ging van lastercampagnes via de media tot en met de opdracht in de regeringsverklaring aan FOL-minister van Justitie Ben Komproe om de invloed van Nederlandse rechters en officieren van justitie zoveel mogelijk te reduceren.

Rechter Bob Wit van het Gemeenschappelijke Hof van Justitie, de rechtbank van de Antillen en Aruba, maakte de loopgravenoorlog van dichtbij mee. Zo trad hij op als rechter-commissaris toen de wegens corruptie opgepakte FOL-leiders Anthony Godett en Nelson Monte vorig jaar opheffing van hun voorarrest eisten. Toen justitie twee jaar geleden in het kader van dat fraudeonderzoek het bestuurskantoor van de eilandsregering op Curaçao doorzocht, stond hij vooraan om de operatie in goede banen te leiden. Godett en Monte zijn inmiddels veroordeeld wegens fraude en het aannemen van steekpenningen, evenals andere politici van de FOL, politici van twee andere partijen en verschillende ambtenaren. Het kabinet van Godetts zus Mirna Louisa-Godett is gevallen nadat andere partijen het vertrouwen in de FOL hadden verloren.

Bob Wit heeft er achttien dienstjaren opzitten als rechter in Willemstad. Door die lange staat van dienst is hij nagenoeg `makamba'- (scheldwoord voor blanke Nederlanders, red.) af. Hij heeft een reputatie van voor Nederlandse begrippen bloemrijk taalgebruik in zijn vonnissen, waarbij hij verwijzingen naar de actuele politieke situatie niet schuwt. `Ook al liggen er zo nu en dan constitutionele bananenschillen op de weg naar de toekomst waarover men kan uitglijden, een bananenrepubliek zijn we niet en dat moet ook zo blijven', schreef hij onlangs. ,,Ik heb altijd een wat afwijkende schrijfstijl gehad en die heeft zich hier verder kunnen ontwikkelen'', licht hij toe in zijn met dossiers volgestapelde werkkamer in het Curaçaose paleis van justitie. ,,Ik ben ook een groot liefhebber van Amerikaanse en Engelse vonnissen en daar is de stijl die ik hanteer wat normaler. En een vonnis in eerste aanleg moet zo geschreven worden dat de goegemeente voelt waar het om gaat. Het hoeft allemaal niet zo grauw te zijn als Nederland gewend is.''

De vervolging van kopstukken van de grootste regeringspartij heeft volgens Wit geleid tot de grote druk op het justitiële apparaat. Dat kon ook niet anders, denkt hij. ,,In willekeurig welk ander land zou de rechtsstaat ook onder druk staan als de top van de grootste regeringspartij onderwerp is van strafrechtelijke vervolging. Wat zou er in Nederland gebeuren als dat de top van het CDA zou overkomen en men vervolgens niet wil aftreden omdat een politicus zichzelf onschuldig verklaart? Omdat hij zijn `grootse taak wil vervullen'? De instanties die hier verantwoordelijk zijn om de rechtsstaat te handhaven hebben hun werk gedaan. Ze hebben hun rug recht gehouden en blijven dat doen.''

Kunnen officieren en rechters zich nog vrij op straat bewegen nu populaire leiders als Monte en Godett zijn veroordeeld?

,,De sfeer is nu rustig, maar toen ik besloot het voorarrest van Anthony Godett te verlengen, was het spannend. Volgens de politie was een groepje op weg naar mijn huis om de ruiten in te gooien. Maar het huis van toenmalig minister-president Ys lag eerder op de route. Daar hebben ze toen hun gram gehaald en stenen door de ruiten gegooid. Bij mij is verder niets gebeurd. Maar het voelt toch niet prettig. Want als men constant aanvallen doet op de integriteit van de rechterlijke macht, is het lastig werken. Uiteindelijk kregen die aanvallen vertaling in de regeringsverklaring. Daarin stond letterlijk dat `normafwijkende officieren van justitie structureel vervolgd' moesten worden. Zo'n passage over de rechters is in de eindversie geschrapt. Maar die over het openbaar ministerie bleef overeind. Dat was een uitzonderlijk dieptepunt.

,,Nelson Monte verbleef na zijn veroordeling wegens corruptie in het ziekenhuis in plaats van in de gevangenis. Toen bleek dat daar geen enkele medische indicatie meer voor was, heeft het Hof daar een einde aan gemaakt en hem teruggestuurd. Toen kwam er ook beweging bij de coalitiepartijen en was er diepe verontwaardiging over de rol van minister Komproe in die affaire. (Komproe had ervoor gezorgd dat zijn partijgenoot Monte in het ziekenhuis kon blijven, red.) Er was niemand die vond dat die beslissing van het Hof wel terzijde kon worden geschoven. Want het zit hier tussen de oren van de mensen dat als de rechter gesproken heeft men zich daaraan heeft te houden. Omdat men beseft dat als dat niet meer gebeurt het einde nabij is.''

Hoe lang kun je doorgaan met het blootleggen van corruptiepraktijken? Op een gegeven moment is er geen politicus meer over om het land te besturen.

,,Als je doorgaat met het opsporen van corruptiezaken uit het verleden, zou je op bestuurlijk niveau grote problemen kunnen krijgen. Het zou verstandig van het openbaar ministerie zijn om te weten wanneer je even moet stoppen. Het politieke circuit heeft nu eindelijk een gedragscode opgesteld en er komen richtlijnen voor fondsenwerving in verkiezingstijd. Als dat vorm krijgt, heeft het openbaar ministerie bereikt wat het voor ogen stond. Want je kunt met opsporing wel tot het bittere einde doorgaan, maar het is de vraag of dat uiteindelijk niet meer brokken maakt dan het voordelen oplevert. Het is verstandig als het openbaar ministerie nu on hold gaat, niet te veel in het verleden blijft graven. Want dat kost veel tijd en inspanning en wat levert het op? Bovendien heeft het openbaar ministerie ook nog wel wat anders te doen. We hebben onze handen vol aan moorden en overvallen.''

In Nederland bestaat toch wel het beeld dat de Antillen door al die corruptieaffaires zijn afgegleden tot het niveau van een bananenrepubliek.

,,De rechtsstaat is hier nog steeds intact. Laatst sprak ik de schrijver Boelie van Leeuwen na een kort geding dat Zuid-Amerikaanse hoertjes op Curaçao hadden aangespannen tegen de staat, en dat ze hebben gewonnen. Hij zei: `In Zuid-Amerikaanse landen is het onmogelijk dat prostituees een proces aanspannen tegen de regering en nog winnen ook. Het verschil tussen de rechtsstaat op de Antillen en die van andere landen in de regio is júíst de kwaliteit en integriteit van de rechterlijke macht'. Het openbaar ministerie heeft tegen de stroom in, ondanks alle spanningen, vervolging ingesteld tegen politici. Inmiddels zijn er ambtenaren, hoge politici en andere betrokkenen veroordeeld. Hoe is dat in Nederland? Er is daar een enquête over bouwfraude geweest. Maar hoeveel betrokkenen worden er daadwerkelijk vervolgd? Hoeveel hoge ambtenaren of politici zitten daartussen?

,,Nederland reageert een beetje hypocriet op wat hier gebeurt. Neem Anthony Godett die nu in eerste aanleg is veroordeeld voor fraude. Zijn hoger beroep dient binnenkort. Je kunt van die man denken wat je wilt, en er is vanuit Nederland heel laatdunkend over hem gedaan. Maar datzelfde Nederland onderhandelt binnen de Europese Unie wel met de Italiaanse premier Berlusconi. Zit die niet ook midden in allerlei strafrechtelijke processen? Je krijgt hier de indruk dat er in Nederland een sfeer heerst van: we mogen het vingertje tegen Italië niet opheffen, maar we hebben op de Antillen in ieder geval Godett nog. Zo komt dat hier op zijn minst wel eens over.''

De corruptieonderzoeken hebben zich geconcentreerd op Curaçao. Waarom is dat zo, terwijl op eilanden als Bonaire en Sint Maarten dezelfde praktijken gaande zijn?

,,Hier op Curaçao zit het centrum van het justitieel apparaat van de Antillen. We hebben één officier van justitie op Bonaire en drie op Sint Maarten. De rechtshandhaving op met name Sint Maarten verdient versterking, want daar spelen ongetwijfeld ook dubieuze praktijken. Alleen al de geografische positie van Sint Maarten biedt daar een ideale voedingsbodem voor. Curaçao is duizend kilometer verwijderd van Sint Maarten, dat is dus lastig aansturen. Je moet op dat eiland zelf versterking aanbrengen. Dat kan als de individuele eilanden een zelfstandiger positie krijgen. Nederland is daar altijd op tegen geweest. Maar ik zou er wel voor zijn als de Antillen verdeeld worden in een bovenwinds en benedenwinds Rijksgebied. Met het Hof om gemeenschappelijke rechtspraak te garanderen. ''

Hoe belangrijk is een harde aanpak van bolletjesslikkers voor de rechtsorde op Curaçao?

,,Nederland hamert op een straffe aanpak en handhaving van de bodyscan (waarmee ingeslikte drugsbolletjes kunnen worden opgespoord, red.). Maar dat is óók een beetje hypocriet. Want uiteindelijk gaat via die bolletjesslikkers maar een heel beperkt deel van de export richting Europa. Als die bolletjesslikkers tien procent van de totale export voor hun rekening nemen, gaat negentig procent via andere kanalen. Het was dus niet voor Nederland zo belangrijk om die bolletjesslikkers aan te pakken, maar voor ons. Het is ónze bevolking. Ga er maar van uit dat eenzesde deel van de bevolking op Curaçao direct of indirect profijt trekt van de drugshandel. Er zijn jongeren die plotseling omhangen met goud in dure auto's rondrijden en een slecht voorbeeld zijn voor hun leeftijdgenoten. Want waarom zou je legaal werken als het zo ook kan? Dat werkt als een olievlek en ontwricht de sociale en morele structuur op het eiland. Het corrumpeert de samenleving.

,,Voor ons speelt ook de vraag hoe je veertig drugskoeriers per dag kunt arresteren en die vervolgens administratief kunt verwerken. Dat lukt niet zonder Nederlandse hulp. Er zijn nu plannen voor een extra contingent marechaussees. Maar die kun je slechts beperkt inzetten. Want we hebben niet alleen personele versterking nodig, maar ook andere ondersteuning, zoals gevangenissen. Er komen nu containercellen, maar die moeten wel voldoen aan internationale criteria. Anders krijgen we de foltercommissie vanuit Europa weer op ons dak. Er gebeurt hier zoveel tegelijk: het ambtelijk apparaat wordt verder uitgekleed, de gevangenissen worden groter en voller én we moeten ons aan de regels houden. Het is maar de vraag of dat allemaal tegelijkertijd kan.''

Hoe slaagt u erin om in zo'n microsamenleving voldoende afstand te bewaren?

,,Op Curaçao is alles dubbel. Als hier iemand een zaak wint, hoor je wel eens dat `die Nederlandse rechters' zo objectief zijn. Omdat ze niet in de Curaçaose circuitjes zitten. Maar als er verloren wordt, zegt men dat die Nederlanders er niets van begrijpen. Ik zit er een beetje tussenin. Ik ben getrouwd met een Antilliaanse en mijn kinderen zijn hier geboren. Daarnaast zit het in mijn karakter om afstand te houden. Ik ben een weinig sociaal type met een beperkte kennissenkring. De meeste Nederlandse rechters hebben Antilliaanse kennissen. Maar iedereen weet dat je jezelf daarin moet beperken. Dat lukt ook wel, want het gros van de rechters blijft hier een paar jaar en keert dan terug naar Nederland. Ik ben de enige met zoveel lokale dienstjaren.''

Heeft Nederland zich gerealiseerd onder welke omstandigheden het openbaar ministerie en de rechterlijke macht de afgelopen negen maanden hebben moeten opereren?

,,Dat gevoel hebben we hier niet gehad. Maar ik ben in al die jaren ook wel wijzer geworden. Er worden in Nederland vaak mooie woorden gesproken, maar dan meestal door politici die slecht geïnformeerd zijn. Het publieke debat over de Antillen bereikt in Nederland zelden een goed niveau. De rechtsorde staat nu met het mogelijke aantreden van een nieuw kabinet op een keerpunt en Nederland kan daar een grote bijdrage aan leveren. Het is alleen verstandig als dat vanuit Den Haag low key gebeurt. Dat is in het verleden niet gebeurd. Voormalig minister-president Pourier moest eind jaren negentig van Nederland ingrijpend bezuinigen en op grote schaal ambtenaren ontslaan. Toen kwam staatssecretaris Gijs de Vries op het laatste moment, vlak voor de verkiezingen, met een handvol aanvullende eisen. Anders zou er geen extra geld vanuit Nederland komen. Terwijl het water de mensen hier toen al over de schoenen liep. Daardoor ging Pourier met lege handen de verkiezingen in. Op de Antillen moest worden bezuinigd. Maar tegelijkertijd wilde Nederland dat we alle drugskoeriers aanhielden en opsloten. Dat kan dus niet met een uitgekleed ambtelijk apparaat. Het waren onmogelijke, tegendraadse bewegingen, opgedrongen door gebrek aan kennis van wat hier speelt.''

J. Th. Wit (1952, Haarlemmermeer) studeerde rechten aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Zijn militaire diensttijd vervulde hij bij de marine (mijnendienst). Na zijn raio-opleiding in Amsterdam en Rotterdam werd hij rechter-plaatsvervanger in Rotterdam. In 1985 werd hij benoemd tot rechter. Sinds 1986 is hij lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba. Sinds 2000 is hij het oudste lid van dat Hof. Hij is er waarnemend president en persrechter.