Liever realisme dan moraal

We zouden moeten leren uit de lessen van het verleden. In de argumentatie bij zowel voor- als tegenstanders van een verlenging van de Nederlandse militaire aanwezigheid in Irak spelen precedenten en analogieën een belangrijke rol. De appeasement-politiek van München 1938, onze bevrijding dankzij Amerikaanse offers in de Tweede Wereldoorlog, het Vietnamdebacle in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw, ze worden gretig aangeroepen om heel verschillende argumentaties te onderbouwen. Stuk voor stuk zijn deze eenmalige voorbeelden uit het verleden echter moeilijk over te planten naar de huidige situatie in de wereld. Hitler is misschien op sommige punten te vergelijken met Bin Laden, maar niet met het veelsoortige verzet in Irak. De strijd in Irak is op zijn beurt niet te vergelijken met D-Day, en de redelijk overzichtelijke gepolariseerde wereldsituatie van de Koude Oorlog uit de Vietnamtijd niet met de complexe machtsverhoudingen in de huidige wereld.

Vallen er dan helemaal geen lessen te leren uit het verleden? Zeker wel, maar dan meer in het algemeen. Het meest aanstekelijk is dat misschien recent gedaan door Robert Kaplan in Warrior Politics. De wat vrij weergegeven ondertitel van de Nederlandse vertaling hiervan luidt niet voor niets Lessen voor de toekomst van klassieke denkers. Kaplan gaat te rade bij historici en filosofen als Livius en Thucydides, Hobbes en Machiavelli om maatschappelijk-politieke vragen te duiden die hij onder andere is tegengekomen als journalist bij zijn reizen over de hele wereld.

Gemeenschappelijk aan al deze afzonderlijke lessen is dat een effectieve buitenlandse politiek altijd door een mix van kenmerken wordt bepaald. Macht en moraal, realisme en idealisme, belangen en nobele doeleinden dienen steeds, al naar gelang de situatie, tegen elkaar afgewogen en met elkaar verbonden te worden.

Hoe vreemd het critici van het Amerikaanse beleid ook in de oren mag klinken, de invasie van Irak lijkt mij eerder bepaald door een teveel aan moraal en idealisme dan door politiek realisme. Ongetwijfeld speelden oliebelangen en de strijd tegen Al-Qaeda ook een rol. Maar juist op deze punten heeft de oorlog negatieve effecten gehad. Een meer realistische inschatting van mogelijkheden en middelen zou ongetwijfeld tot een terughoudender politiek hebben geleid.

Helaas houdt deze constatering allerminst in dat we in de nieuw ontstane situatie eenvoudig op onze schreden kunnen terugkeren. Een juist door nobele motieven ingegeven overhaast vertrek uit Irak zou op dit moment de situatie alleen maar verergeren. Ook voor Nederland pleiten voorlopig zowel belangen als moreel-politieke overwegingen sterk voor een verlenging van onze militaire aanwezigheid. Chaos in het Midden-Oosten, een vermeende overwinning voor het terrorisme, burgeroorlog in Irak: dat alles dreigt onherroepelijk bij het vertrek van de buitenlandse troepen.

In een wereld die niet perfect is, moeten volgens Machiavelli goede mensen die het goede nastreven, weten hoe ze kwaad moeten doen. Helaas lijken we in Irak in dit soort wereld beland te zijn.

Hans Achterhuis is filosoof.