Hollywood bijkantoor Greenpeace?

Wat de milieubeweging niet voor elkaar krijgt, lijkt Hollywood te lukken. De film The Day after Tomorrow zet klimaatveranderingen op de kaart. Dat gaat op z'n Hollywoods: overdreven en met een budget van 125 miljoen dollar. Het sneeuwt in New Delhi, er raast een tornado over Los Angeles en New York raakt overstroomd, waarna de ijstijd aanbreekt.

De derde rampenfilm van de Duitse regisseur Roland Emmerich (hij maakte eerder Independence Day en Godzilla) beschrijft het dreigende einde van de wereld door het broeikaseffect. Het is de eerste film, na de aanslag op het World Trade Centre in 2001, waarin New York wordt getroffen door een ramp. In de film waarschuwt een klimatoloog de Amerikaanse vice-president, die verrassend veel lijkt op de huidige vice-president Dick Cheney, voor een natuurramp nadat een stuk ijs ter grootte van Schotland in zee is gestort. Natuurlijk luistert de vice-president niet. En dan gebeurt het: binnen de kortste keren bevriest het noordelijk halfrond.

Dat de film een loopje met de werkelijkheid neemt, ergert wetenschappers, maar milieu-activisten reageren verdeeld. Aan de ene kant hopen ze dat de film mensen aan het denken zet, maar er zijn er ook die de film zó ongeloofwaardig vinden dat ze vrezen dat het grote publiek het onderwerp na het zien van de film helemaal niet serieus meer neemt. Bij de Europese première in Londen stonden afgelopen woensdag diverse milieu-activisten te demonstreren; één van hen was als Spiderman verkleed op het dak van de bioscoop gaan staan.

Greenpeace Nederland heeft het heft maar in eigen handen genomen: de beweging heeft de officiële website van de film www.thedayaftertomorrow.com getrouw nagebouwd op www.dayaftertomorrow.nl en volgezet met informatie over de oorzaken en de gevolgen van de opwarming van de aarde. In de trailer op de site worden de `regisseur', de `producenten' en de `cast' voorgesteld – respectievelijk minister Brinkhorst, energieproducenten Essent en Nuon en ,,onschuldige omstanders''.

Amerikaanse milieu-activisten grijpen The Day After Tomorrow aan om te wijzen op het nalatige milieubeleid van de huidige Amerikaanse regering, die weigerde het internationale Kyoto-verdrag ter beperking van het broeikaseffect te ondertekenen. Dat is in het straatje van Al Gore, de voormalige Amerikaanse vice-president die in 2000 de presidentsverkiezingen van George W. Bush verloor en onlangs op een milieuconferentie iedereen opriep de film te gaan bekijken. Het Witte Huis probeert volgens hem de mensen ervan te overtuigen dat ,,er geen probleem is'', maar ,,de verandering van ons klimaat is een ramp die zich sneller voltrekt dan wij denken'', aldus Gore. Door deze commotie wordt Emmerich er ineens van beschuldigd anti-Bush te zijn. Maar in tegenstelling tot de Amerikaanse documentairemaker Michael Moore, die beschuldigd werd van stemmingmakerij vanwege zijn film Fahrenheit 9/11, heeftEmmerich wel een distributeur gevonden voor zijn film in Amerika: 20th Century Fox. Die zich overigens wel probeert te distantiëren van de politieke boodschap in de film.

De enigen die nog lijken te kunnen inzien dat het hier om fictie gaat, zijn de filmliefhebbers. Bij de Europese première waren honderden fans van hoofrolspeler Jake Gyllenhaal en zijn (niet in de film spelende) vriendin Kirstin Dunst komen opdagen, en ze lieten zich gretig bedelven onder kunstsneeuw. Regisseur Roland Emmerich deelde vervolgens mee dat hij van plan was om nooit meer een rampenfilm te maken.