Geitenwollen sokken in het leger

Drie bij vijftien meter meet een van de kunstwerken die kunstenaars van de kunstacademie in Arnhem maakten na een opleiding bij de Luchtmobiele Brigade.

Vier kunstenaars van de kunstacademie in Arnhem volgden een opleiding van zeven maanden bij de Luchtmobiele Brigade in Schaarsbergen om ,,te ontdekken hoe beeld kan worden ingezet bij conflicten, onder welke omstandigheden en met welke middelen''. Resultaat: een grijze baret met eigen logo, veertig schilderijen over het dagelijks leven in het leger en één muurgroot werk.

De tekst op de baret luidt `Bunbunitchi', een oude Samoeraispreuk die `met zwaard en penseel' betekent. De spreuk weerspiegelt de bezigheden van de twee studenten en twee docenten van de academie in de afgelopen maanden. Ze leerden anderhalve dag per week hoe een soldaat moet bivakkeren, klimmen en omgaan met (dichtgelaste) wapens. Ze mogen zich nu Dutch Airborne Art Ranger noemen. Tijdens de dagen in het veld maakten ze bovendien de eerste aanzetten voor de later uit te werken schilderijenreeks van ongeveer veertig werken. Wanneer er geen papier en pen voorhanden was, gebruikten ze zand gemengd met eierstruif als inkt op boomschors en lege munitiedoosjes. Samen werkten ze aan de schetsen waaruit het pronkstuk van drie bij vijftien meter ontstond. Het doek werd woensdag onthuld in de verbouwde kantine van de Oranje Kazerne.

Niek Verschoor, docent aan de kunstacademie en initiatiefnemer van het project, in soldatenoutfit: ,,Oorlog wordt steeds visueler. De journalistiek brengt een actueel beeld. Een kunstenaar heeft meer tijd voor reflectie en kan dus op een heel andere manier de stand van zaken in een oorlog tonen.'' Student Bart Jansen: ,,Een kunstenaar kan de diepte ingaan en bijvoorbeeld een positieve kant laten zien. Een journalistiek fotograaf moet de waarheid laten zien.'' Het schilderij toont, tegen de setting van bestaande werken van de Hollandse meesters Brueghel en Ruysdael, de evolutie van wapens, communicatiemiddelen en vervoer in het leger. Soldaten in ouderwetse gevechtspakken steken schraal af tegen de strijders van nu, met moderne radioapparatuur en gestroomlijnde gevechtshelikopters. Linksonder is een tekenende soldaat afgebeeld.

De opleiding was leuk, de ervaring apart, het eten goed, en de zware oefeningen waren best vol te houden voor één dag in de week, zeggen de schilders. Kunstenaars zijn vaak individualisten en niet gewend om samen te schilderen. Sonja van Dolron werkte de eerste paar maanden mee aan het doek. ,,We hebben allemaal onze eigen stijl. Soms was er ruzie, soms moest je wijken voor de ander. Marcel was de leider, die gaf de grote lijnen aan. Ik was onderofficier en moest zijn beleid naar de rest overdragen.'' Het leven als soldaat, ook als die voor spek-en-bonen meedoet, is hard.

Student Alma Koelemeijer vergat steeds haar wapen, lachte te veel en had tijdens de eindoefening bebloede voeten van het verre lopen. Bovendien droeg ze nagellak en moest die bij gebrek aan remover met zand van haar nagels schuren. ,,Dat vond ik zo overdreven dat ik bij thuiskomst met verschillende kleuren nagellak een portret van de sergeant heb gemaakt.'' Het hangt nu aan de muur in de kantine, tussen een selectie van vijftien andere afbeeldingen van sergeanten, wapens en veldflessen die de `soldaten' tijdens de opleiding maakten.

Voor de Brigade leverde het project positieve aandacht op. Brigade-generaal Gijsbers: ,,De media berichten alleen over het leger bij het begin van een oorlog en als er iets mis gaat. Kunst geeft een heel ander perspectief, en laat bijvoorbeeld het publiek zelf een verhaal bij de beelden verzinnen.'' Sergeant Woonings, begeleider van de kunstenaars in het veld: ,,Het was wennen. Ik had toch een bepaald beeld van kunstenaars. Van die linksgeoriënteerde geitenwollen sokken. Dat is nu over. Ze waren erg gemotiveerd en hun conditie was niet eens zo slecht.''

Javier Lizana Abello (17) volgde de opleiding tegelijk met de kunstenaars. ,,Ik vond het heel erg leuk dat ze het militaire leven in beeld hebben gebracht, dat gebeurt veel te weinig. Ze deden de oefeningen goed, zelfs de zware eindoefening.''

De combinatie van oorlog en kunst is van alle tijden. Recent nog reisde fotograaf Martin Roemers in 2002 in opdracht van het Legermuseum in Delft af naar Afghanistan en legde het dagelijks leven van de Nederlandse soldaten daar vast. Onlangs moest de Britse oorlogsfotograaf Steve McQueen vanwege gevaar voor eigen leven vluchten uit Irak en kon hij zijn fotoshoot voor het Imperial War Museum niet afmaken. Woonings: ,,Een kunstenaar in Irak is een blok aan het been van een soldaat. Bovendien is het te gevaarlijk.''