EK historie

Stormrammen zijn uit de tijd. Het type voetballer dat zijn technische beperkingen camoufleerde door zijn lengte en lichaamsgewicht in de strijd te gooien. In West-Duitsland deed Horst Hrubesch jarenlang dienst als boomstam. De spits van HSV, Standard en Dortmund speelde 21 interlands voor de BRD. Zijn bijnaam was `Das Ungeheuer'. Hij werd ook wel `giraffe' genoemd, naar de Engelse stopper Jack Charlton. Behalve een lange nek had de gediplomeerde dakdekker Hrubesch een pokdalig gezicht en een reusachtig lichaam. Hij maakte oorlog in het strafschopgebied en heerste in de lucht. Zijn hoogtepunt beleefde hij in 1980, toen hij West-Duitsland in de finale tegen België met twee treffers aan de Europese titel hielp. In 1982 was hij met de nationale ploeg verliezend finalist op het WK. Een jaar later won hij met HSV de Europa Cup 1. Weer een paar maanden later moest hij zijn actieve loopbaan wegens een blessure beëindigen. Hij werd een (minder geslaagde) hoofdtrainer in Oost-Duitsland, Oostenrijk en Turkije. In de dug-out kon hij zijn fysieke kracht niet uitbuiten en kwamen zijn tactische tekortkomingen aan het licht. Tegenwoordig is hij in dienst van de Duitse voetbalbond en traint hij jeugdelftallen. Daarnaast berijdt hij paarden en heeft hij heimwee naar de `bananenvoorzetten' van zijn ploeggenoot Manfred Kaltz. Deze rechtsback van HSV én international wist het hoofd van Hrubesch blindelings te vinden; ganz einfach.

Dit is de vijfde aflevering in een serie over de geschiedenis van het Europees kampioenschap voetbal.