Consumenten in VS optimistischer

Amerikaanse consumenten gaven in april meer uit dan verwacht, en zagen hun besteedbaar inkomen licht toenemen.

Bovendien groeide de economische activiteit in de regio rond Chicago, die na Los Angeles de grootste concentratie van fabrieken kent, tot een niveau dat in zestien jaar niet meer is bereikt.

Deze ontwikkelingen wijzen op een expansie van de economie, hoewel tegelijkertijd het consumentenvertrouwen lager uitviel, vooral door hogere benzineprijzen en voortdurende onrust in Irak. Dat blijkt uit cijfers die gisteren zijn bekendgemaakt.

De nieuwe cijfers volgen op berichten over doorzettende banengroei, die op zijn beurt weer wordt afgezet tegen nog steeds licht stijgende inflatie, die de Federal Reserve, het Amerikaanse stelsel van centrale banken, hoopt tegen te gaan door binnenkort de rentestanden op te vijzelen.

De Amerikaanse consumptie nam in april toe met 0,3 procent, na een eerdere stijging van 0,5 procent in maart. Tegelijkertijd steeg het besteedbaar inkomen licht met 0,6 procent. Hoewel grote winkelketens zoals WalMart enigszins tegenvallende verkoopcijfers over april meldden, namen grote bestedingen, zoals bijvoorbeeld aan auto's, toe.

Een economische barometer die landelijk in de gaten wordt gehouden is een enquête onder ondernemingen in de streek rond Chicago, die met 68 op zijn hoogste punt kwam sinds 1988. Het wijst op hogere inkopen door bedrijven bij lokale fabrieken. Dit past in een trend van banengroei in de industriële sector die de afgelopen twee maanden al zichtbaar werd. In mei neemt het aantal banen in fabrieken naar schatting met 23.000 toe, op een totale banengroei van 215.000.

,,Sinds het einde van vorig jaar zien wij een dramatische acceleratie van de economie'', zei William Zollars, directeur van Amerika's grootste vrachtwagenconcern Yellow Roadway tegen persbureau Bloomberg. ,,Elke maand gaat het nog weer beter.'' Toename in het vrachtverkeer duidt op meer bestellingen en dus een hogere productie bij bedrijven.

Het consumentenvertrouwen, zoals maandelijks gemeten door de Universiteit van Michigan, kwam echter in april uit op 90,2. Economen gepolst door Bloomberg hadden 94,4 verwacht. Ook verwachtingen van consumenten over de toekomst bleken negatiever dan verwacht. Velen maken zich zorgen over de situatie in Irak. De daarmee samenhangende hoge olieprijs heeft inmiddels tot een gemiddelde benzineprijs van 2 dollar per gallon (3,8 liter) geleid. Volgens sommige economen heeft een stijging van de benzineprijs hetzelfde effect als een belastingverhoging: er blijft minder besteedbaar inkomen over bij consumenten.