V*kkevuller

Guus Middag luistert naar Nederlandstalige liedjes. Vandaag naar `V*kkevuller' van Simon, de Nederlandse variant van het gekanker van Eamons `F**k it'. Zelden was poëzie zo nuttig.

Twintigmaal fuck, zevenmaal shit, driemaal hoe (snol) en eenmaal bitch: dat is het meest opvallende aan de hit `F**k It' van de New Yorkse zanger Eamon. Op het hoesje van de cd staat een waarschuwing voor de ouders dat de zanger hier geen blad voor de mond neemt (`explicit content') en dat er gevaar te duchten valt op het vlak van gore praat (`strong language') en geslachtelijke thematiek (`sexual content'). Voor als je van je vader en moeder de vieze versie niet mag beluisteren is er een gekuiste uitvoering bijgeleverd. Daarin is op alle plaatsen waar `fuck', `shit', `hoe' of `bitch' zou moeten klinken de zang van Eamon eenvoudig weggeknipt, zodat er een raar liedje vol gaten is overgebleven.

Waarom moest Eamon nu zoveel schelden? Zelf zal hij zeggen dat de situatie erom vroeg. Hij was heel boos op zijn vriendin, want zij had hem bedrogen met een ander. Veel details krijgen we daarover niet te horen, maar bijvoorbeeld toch wel dat zij die ander gep*pt heeft. Dan begrijpen we beter dat Eamon elke regel van zijn refrein opent met een hartgrondig en sterk beklemtoond `f**k'. De verdere strekking zou ik dan als volgt willen samenvatten: pleur op, k*twijf, ik hoef je niet meer en huilen is voor jou te laat.

Het is mooi dat het lied tegelijk ook luchtig klinkt, met die wat hoge, licht lijzige stem van Eamon, waar zwoele en hezige achtergrondstemmen heel geraffineerd doorheen zijn gevlochten. Het klinkt zelfs een beetje braaf, en saai, alsof er iets ontbreekt, maar wat? Dat bleek pas toen ene Simon het onder handen had genomen.

Simon is vakkenvuller van beroep, al jarenlang. Het treurige relatierelaas van Eamon wordt door hem met een goed geïmiteerde stem omgezongen tot een krachtig vakkenvullerslied, recht uit het hart, dat duidelijk maakt wat er aan Eamons gekanker ontbrak: humor.

Eamon begint meteen te klagen, maar Simon deelt ons monter mee: `Ik heb zoveel te doen,/ want iedereen is boodschappen doen.' De herhaling van het rijmwoord mag wat stuntelig klinken, maar is hier erg functioneel: symbool voor de herhaling van steeds maar weer dezelfde vakkenvulhandeling. Waar Eamon begint te schelden, wijst Simon de klanten graag de weg. Dit is zijn refrein: `Vak voor de melk?/ Daar ginds bij de kaas./ Vak voor de suiker?/ Die vind je d'r naast./ Vak voor het snoep,/ vak voor de koek,/ vak voor de frisdrank?/ Daar om de hoek.' Zelden was poëzie zo efficiënt en nuttig.

Simons opgewekte toon maakt zijn lied onweerstaanbaar. Als ik het goed hoor, klinkt er ook wel wat wanhoop in zijn stem door: omdat het werk nooit af is natuurlijk. En ik meen ook een lichte sneer aan het adres van Eamon te horen. Die blijft maar lopen schelden en vloeken in New York. Ga toch vakkenvullen! lijkt Simon hem toe te willen roepen.

Er was al een lied van de zaaier, en een lied van de ploeger. Er waren liederen van de heiers, de ketellappers, de schoenmakers en de meisjes van het naaiatelier. Nu heeft ook het stille gilde van de vakkenvullers zijn werkmanslied. Het kan niet anders of we zullen het in de toekomst nog vaak horen. In de supermarkt, of erbuiten, voor of na sluitingstijd: `Vak voor de melk?/ Daar ginds bij de kaas./ Vak voor de suiker?/ Die vind je d'r naast.' Want nooit houdt het vakkenvullen op.

Een fragment van `V*kkevuller' is te beluisteren via www.nrc.nl