Eén Shell, twee maten

Hoeveel nieuws kan het jaarverslag van de Koninklijke/Shell Groep morgen nog bevatten? Afgelopen maandag maakte het concern voor de vierde keer dit jaar een bijstelling van de bewezen oliereserves bekend, dit keer een kleintje. De winsten over 2003 zijn inmiddels aangepast, de resultaten over het eerste kwartaal zijn gepubliceerd.

En over een gouden handdruk voor de afgezette groepsdirecteuren in het schandaal over de verlaagde reserves wil Shell nog steeds niks zeggen, bleek maandag in een telefonische persconferentie over de laatste verlaging.

Het jaarverslag bevat wel informatie over de voortgang van de nieuwe beloningsregeling, waarvoor het energiebedrijf vorig jaar fiat kreeg van zijn aandeelhouders: gratis aandelen. De directie en ander onmisbaar topkader krijgen jaarlijks een pakket aandelen, maar wel met een slot erop. Het slot gaat er na drie jaar af, mits Shell het beter heeft gedaan dan een groep concurrenten en een groep onvergelijkbare bedrijven uit de Nederlandse en Britse beursgraadmeters. Hoe beter de relatieve prestatie, hoe meer aandelen de gelukkige mee naar huis mag nemen.

Deze beloningsvorm is een winnaar. Philips doet het sinds vorig jaar (na fiat van aandeelhouders), Unilever heeft ook zo'n regeling. De opbrengst voor de toplui heeft meer zekerheid dan bijvoorbeeld optieregelingen. Een topmanager kan hard werken, hard saneren en hard opkopen, maar als de beurs instort, zijn zijn opties waardeloos. Wie in dat geval aandelen krijgt en het net iets beter doet dan zijn concurrent, krijgt in elk geval effecten die nog wat waard zijn.

Maar de pijn voor de belegger, die de gratis aandelen betaalt, zit juist in de vergelijking met concurrenten. De beloning neemt niet het absolute rendement als maatstaf, maar het relatieve. Ook negatieve rendementen zijn zo een enkeltje eldorado voor de topman, mits de concurrent op de beurs nog slechter presteert, terwijl de belegger naar de bijstand kan.

De uitwerking van de Shell-regeling is zonderling. De Britse tak moet de toekenning van de aandelen aan directeur M. Brinded (353.383 aandelen) melden bij de lokale toezichthouder en stuurt die melding door naar de Amerikaanse beurswaakhond SEC. De Nederlandse tak hoeft, wegens afwijkende regels hier, niets te melden, en dus gaat ook geen bericht naar de SEC. Vooral Amerikaanse beleggers ergeren zich aan deze structuur van dubbele koninkrijken, die naar hun mening de slagvaardigheid van Shell hindert. Als de melding van de beloning van de top al een klein schisma oplevert, hoe moet het dan met echte zaken?