Citizen Kane

De bioscoop Pathé Arena, gelegen tegenover het stadion van Ajax, organiseert elke dinsdagmiddag de zogeheten 50PlusBios. Mensen van vijftig jaar en ouder kunnen dan voor de halve prijs naar een goede speelfilm kijken.

Ik had nog geen gelegenheid gehad erheen te gaan, ook al kon ik mijn ongeduld nauwelijks bedwingen. Deze week moest ik toeslaan, want op het programma stond Citizen Kane van Orson Welles, door kenners beschouwd als de beste speelfilm aller tijden. Ik had de film jaren geleden eens op tv gezien, maar daarvan zo goed als niets onthouden.

Ik kocht een kaartje en liep naar het buffet, waar een juffrouw meteen riep: ,,Vijftig plus zeker? Dan krijgt u ook nog een kopje koffie en een stukje cake allemaal gratis.''

Die film (uit 1941) kon toen al niet meer mislukken. En dat deed-ie ook niet.

De belangstelling viel overigens tegen, de reputatie van Welles is nog onvoldoende tot de Bijlmer doorgedrongen. Ik telde zo'n tien grijze hoofdjes en een paar jongeren. We kregen eerst een trailer voor een keiharde actiefilm te zien, waarna een oude man verstoord riep: ,,Daar ga ik vast niet heen!''

Maar de openingsscène van Citizen Kane maakte meteen alles goed: Orson Welles, als de uitgerangeerde krantenmagnaat Kane, die op zijn sterfbed een glazen bolletje laat wegrollen en prevelt: ,,Rosebud'' (Rozenknopje).

Daarna ontvouwt zich het klassieke drama van de machtige man die aan zijn megalomanie ten onder gaat. Welles en zijn scenarioschrijver Joseph Mankiewicz hadden Kane gemodelleerd naar de krantenmagnaat William Randoph Hearst. Hearst was not amused: hij zorgde ervoor dat de film uit het reguliere bisocoopcircuit verbannen werd – een treffende overeenkomst met de huidige boycot van Michael Moore's film Fahrenheit 9/11 in Amerika.

Citizen Kane is nog altijd een boeiende, maar geen gemakkelijke film. Borges, de Argentijnse schrijver, heeft het `een labyrint zonder kern' genoemd. Daar zit iets in. Een centraal thema is moeilijk aan te wijzen. Voordat ik de film ging herzien, las ik een interview in boekvorm This is Orson Welles – van Peter Bogdanovich met Welles.

Daarin gebeurt iets heel eigenaardigs. Bogdanovich en Welles blijken grondig van mening te verschillen over de relatie tussen twee hoofdpersonages, krantenmagnaat Kane en zijn vriend Leland, toneelcriticus bij een van Kane's kranten. Leland schrijft een vernietigende kritiek over de zangeres die Kane's tweede vrouw is. Daarop ontslaat Kane zijn vriend.

Wie is nu de klootzak?

Leland, zegt Bogdanovich. Hij verraadt zijn vriend door lelijk over diens vrouw te schrijven.

Welnee, zegt Welles, je gebruikt het woord `verraad' verkeerd. Leland is wreed tegen hem, maar hij verraadt hem niet.

Leland verraadt hun vriendschap, houdt Bogdanovich vol.

Ik ben het hier fundamenteel mee oneens, zegt Welles pissig. Niet Leland verraadt Kane, maar Kane verraadt Leland door hem te ontslaan.

Mag de vriendschap opgeofferd worden aan de waarheid? Misschien is dát wel het thema van Citizen Kane.