`Twentynine Palms' is een stijloefening in seks

Als motto voor zijn film Twentynine Palms koos de Franse regisseur Bruno Dumont een uitspraak van de Franse schilder Henri Matisse. Van Matisse! Matisse wilde dat zijn schilderijen op de lente leken. Matisse wilde zich verre houden van overstuur of depressief makende onderwerpen. De films van Dumont worden juist vaak geprezen om het onbehagen dat ze oproepen. Geen lente. Geen licht. Geen plezier. Wel ruzie, zonde en verkrachting.

Twentynine Palms gaat over een Amerikaanse fotograaf en zijn Russische vriendin die in Californië locaties zoeken rondom het stadje Twentynine Palms. Ze rijden rond in een rode jeep, ze vrijen, ze eten, ze spreken Frans, ze ruziën, ze kijken tv, ze kopen een ijsje, ze vrijen nog een keer, ze ruziën, ze lopen rond in de woestijn en trekken hun kleren uit.

Kijken naar Twentynine Palms is niet als kijken naar een schilderij van Matisse. Het is niet voor te stellen dat de Franse regisseur ooit een film zou maken die Levensvreugde heet, of Harmonie in rood. De filosoof Dumont (1958) maakte eerder La vie de Jésus (1997) en L'humanité (1999), die in Cannes de grote juryprijs won. Die film begon met moord en verkrachting. Twentynine Palms eindigt ermee. Hóe moet hier maar niet onthuld worden; Dumont is uit op een schok en die wens mag een armzalige recensent een kunstenaar niet ontnemen. Prettig om te zien is het niet, prikkelend is het niet. Het is tamelijk walgelijk, waarschijnlijk vooral doordat Dumont zich niet aan de conventies houdt waarin zulke gebeurtenissen meestal gefilmd worden en bovendien geen ruimte laat voor vergelding of enige andere vorm van vergoelijking. Het gebeurt gewoon.

Twentynine Palms is niet de enige recente Franse film waarin de bekende cocktail van geweld en seks op een van Hollywood afwijkende manier getoond wordt. De film is op het eerste gezicht verwant met Gasper Noë's Irreversible en Philippe Gandrieux' Sombre. Ook het werk van Michael Haneke komt in gedachten. Dumont beweert dat hij in Californië is gaan filmen om `Hollywood' op zijn eigen terrein te verslaan. Ook daarin is hij niet helemaal nieuw: onder meer Antonioni (Zabriskie Point) ging hem voor. Toch is het alsof Dumont niet echt in het onderuithalen van Amerikaanse genrefilms geïnteresseerd is. Het lijkt er eerder op dat hij het landschap en de Amerikaanse film als een soort steno gebruikt, als een reeks short cuts om bij zijn doel uit te komen.

Je zou Twentynine Palms in plaats van een pessimistisch pamflet net zo goed een stijloefening kunnen noemen. De woestijn rond Twentynine Palms, de Joshua Tree woestijn, filmt hij omdat zo'n grote woestijn nu eenmaal angst in ons oproept. Zo `abstract' filmt Dumont. En hier is ook het verband tussen hem en Matisse te vinden. ,,Matisse zei dat het belangrijkste in een schilderij niet het onderwerp is, maar de plaatsing van de verschillende objecten'', zegt Dumont in een interview. ,,Volgens mij geldt dat ook voor film. Je moet niets naar voren halen als je een zekere harmonie wilt bereiken. Je moet bescheiden zijn, met kleine dingen beginnen: een eenvoudig onderwerp, niet te prominent aanwezige acteurs en zeker geen scènes die hen in de schijnwerpers zetten.''

Uit onder meer dit citaat blijkt dat Dumont wordt geplaagd door de oude avant-garde wens om `pure' film te maken. Hij gebruikt een aantal beproefde middelen om dat doel te bereiken, zoals het minimaliseren van de plot, het beperken of nietszeggend maken van de dialogen, het filmen van grote totalen. In sommige dingen is hij nogal goed. Zo zijn de gesprekjes tussen de man en de vrouw in een restaurant van een perfecte banaliteit. Door de dingen duur te geven lijkt hij soms ook in staat je ze te laten beleven: de niet onaangename saaiheid van tv kijken op een motelkamer. Nare seks. Hitte.

Andere dingen zijn minder geslaagd. Zo zijn de beelden van het paar als nietige schepsels in een onmetelijk landschap wel erg ostentatief en is het schokkende einde zo keurig net niet volgens het boekje dat het bijna truttig is.

Matisse zei ooit dat een schilderij hetzelfde effect op de kijker zou hebben als een comfortabele leunstoel. Het is een beroemd en vaak bespot citaat. Maar een schilderij of een film die dat bereikt zonder kitsch te worden of op een andere manier te mislukken, is een groot geschenk. Seks en geweld zijn altijd goed, of ze nu in Amerika of in Frankrijk worden ingezet om de kijker uit zijn lethargie te verlossen. Het is nu pas echt schokkend als iemand dat met de lente zou lukken.

Twentynine Palms. Regie: Bruno Dumont. Met: David Wissak, Yekaterina Golubeva. In: Rialto, Amsterdam; Haags Filmhuis; 't Hoogt, Utrecht; Lantaren/Venster, Rotterdam; Plaza Futura, Eindhoven; Lux, Nijmegen.