`Terrorisme door Irak fors toegenomen'

De dreiging van terrorisme is wereldwijd fors toegenomen sinds de oorlog in Irak. Maar terugtrekking van de Amerikanen uit Irak zou de situatie alleen maar verslechteren.

Dat zijn de belangrijkste conclusies van het vandaag verschenen jaaroverzicht van het International Institute for Strategic Studies. Volgens het IISS is de aantrekkingskracht van het terreurnetwerk Al-Qaeda bij radicale islamitische jongeren sinds de oorlogen in Afghanistan en Irak toegenomen. Het feit dat de leider van het netwerk, Osama bin Laden, nog steeds uit Amerikaanse handen weet te blijven heeft die aantrekkingskracht alleen maar versterkt.

Al-Qaeda beschikt volgens het IISS wereldwijd over zo'n 18.000 potentiële terroristen. Met de door de Amerikaanse president George Bush ingezette `oorlog tegen het terrorisme' zijn de Al-Qaeda-strijders uit hun thuisbasis Afghanistan verjaagd en is een deel van het leiderschap uitgeschakeld. Maar intussen heeft het netwerk zich in kleinere, decentrale groepen over meer landen verspreid.

De oorlog in Irak heeft volgens het IISS niet alleen Al-Qaeda versterkt, maar ook de aanvankelijk krachtige `coalitie tegen terrorisme verzwakt'. Ook in Irak zijn strijders van Al-Qaeda actief, aldus het IISS, dat hun aantal schat op ongeveer duizend. Mede daarom zou het ongewenst zijn als de Amerikanen nu het land zouden verlaten. Een zwak bestuur of een nieuwe dictator zouden van Irak mogelijk een nieuw centrum voor terroristen kunnen maken.

Het IISS stelt dat voor het herstel van stabiliteit in Irak meer coalitietroepen (in totaal 500.000 militairen) nodig zijn. De slechte samenwerking tussen het Amerikaanse bestuur in Irak, de bevolking en de voorlopige Iraakse regering hebben de moeilijkheden in het land versterkt.

Bij de presentatie van het jaaroverzicht was directeur John Chipman kritisch over de rol van de VS. ,,De Amerikaanse regering wordt zich er heel snel pijnlijk van bewust dat reputatie, prestige en macht gemakkelijk verspeeld worden'', aldus Chipman. Hij zei dat er in Irak te veel fouten zijn gemaakt en dat de VS ,,veel goede [ontwikkelingen] nodig hebben om hun reputatie en prestige en daarmee hun macht te herwinnen''. Alleen zo kunnen volgens Chipman enkele van de meer idealistische doelen – ,,de hoop dat ze alle worden gehaald is intussen vervlogen'' – worden bereikt. De komende zes weken en zes maanden zijn daarbij volgens Chipman doorslaggevend.