Kamer staat achter rapport Berenschot

Een meerderheid van de Tweede Kamer onderschrijft in grote lijnen de conclusies van het rapport Zuinig op Ondersteuning van adviesbureau Berenschot, dat pleit voor forse hervorming van de ondersteunende kunstinstellingen. Dat blijkt uit een rondgang langs de woordvoerders cultuur van de grote fracties. Staatssecretaris Medy van der Laan (Cultuur), in wier opdracht het onderzoek plaatshad, stuurde het rapport eergisteren naar de Tweede Kamer. Zij wil 5,5 miljoen euro bezuinigen op niet zelf kunst producerende instellingen.

Kamerlid Jan Rijpstra (VVD) is ,,groot voorstander'' van het doorlichten van de efficiëntie van ondersteunende instellingen. En Kamerlid John Leerdam (PvdA) vindt het hoog tijd dat de ,,vele kunstmatig in stand gehouden instituten eens worden opgeschud.'' Hij vindt dat het bestaan van veel instituten te vanzelfsprekend is geworden. Ook onderschrijft hij de constatering van Berenschot dat de overhead (personeels- en managementskosten) veel te hoog is. Als voorbeeld noemt hij de Boekmanstichting, een studiecentrum voor kunstbeleid. Leerdam vindt het ,,laf'' van Berenschot dat het geen instellingen bij naam noemt: ,,Als je toch zo'n rigoureus rapport schrijft, zeg dan ook over wie het gaat. Dan moet je echt met de billen bloot.'' Het CDA wil zich eerst beter beramen op het rapport alvorens te reageren.

De PvdA en VVD hebben er geen moeite mee dat Van der Laan naast het advies van haar eigen Raad voor Cultuur ook advies vraagt aan een extern bureau. Haar partijgenoot Kamerlid Boris Dittrich (D66) zet wel vraagtekens bij het ,,te pas en te onpas inhuren van dure bureaus.'' Volgens hem hadden Van der Laans ambtenaren dit rapport ook zelf kunnen schrijven. De Raad voor Cultuur, die in februari het eerste deel van het rapport in krachtige termen verwierp, heeft het rapport dit keer niet gekregen en onthoudt zich daarom van commentaar.