`We denken dat we niet corrupt zijn'

Het pleidooi van toenmalig minister Ien Dales voor een integere overheid, twaalf jaar geleden, kon een bouwfraude en ESF-schandaal niet voorkomen. Johan Remkes herhaalt de boodschap. ,,Ambtenaren moeten roomser zijn dan de paus.''

`Een beetje integer kan niet' – de meest geciteerde uitspraak van Ien Dales – heeft geresulteerd in stapels rapporten en tientallen afspraken en regelingen om de integriteit bij overheid en overheidsdiensten te bewaken.

In 1992 jaar hield de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken een inmiddels veel aangehaalde rede op het congres van de Vereniging Nederlandse Gemeenten in Apeldoorn. ,,De overheid is óf wel óf niet integer. Een beetje integer kan niet'', aldus Dales. Aantasting van de integriteit van de overheid betekent volgens Dales dat de overheid het vertrouwen van de burger verliest. ,,En zónder dat vertrouwen van de burger is er geen democratie meer. Dat is een beklemmend beeld.''

De onconventionele PvdA-politica komt de eer toe het thema bestuurlijke integriteit en machtsbederf in Nederland op de politieke agenda te hebben gezet. Tien jaar later werd het zelfbeeld van Nederland als integer land danig beschadigd na het onderzoek van de parlementaire enquêtecommissie bouwnijverheid in 1992. Kartelafspraken, fraude, corruptie, valse declaraties, schaduwboekhoudingen bleken te behoren tot de normale bedrijfsvoering.

Toch zijn er vorderingen gemaakt, betoogde Saskia Stuiveling gisteren tijdens het Ien Dales Seminar `Een beetje integriteit bestaat niet' in het Haagse theater Diligentia. Maar de president van de Algemene Rekenkamer constateerde dat het moeizaam gaat. ,,We gaan opportunistisch met het onderwerp om. Er is veel lippendienst en verontwaardiging en verbazing als er weer iets aan het licht komt, maar het lukt niet om te operationaliseren.'' Schendingen van de integriteit door ambtenaren worden bijvoorbeeld niet landelijk geregistreerd. ,,We denken dat we niet corrupt zijn, maar we weten dat niet zeker.''

VVD-fractieleider Jozias van Aartsen vindt dat uitslag van verkiezingen een grotere rol zouden moeten spelen bij het bewaken van de integriteit. Daarvoor moet het kiessysteem wel worden ,,opgekalefaterd'' want door ,,het idiote spel van formatie en informatie – een verzuilingsrelict'' bepaalt de Nederlandse kiezer nu niet wie gaat regeren.

,,Het grote probleem van de Nederlandse politiek is dat de verkiezingen de machtsvraag niet beantwoorden'', aldus Van Aartsen. Integriteit bij de overheid is meer gebaat bij de politiserende schok van verkiezingen dan bij moreel appèl, klokkenluiders of vernieuwingscommissies. ,,De politisering van de parlementaire politiek zal een aanjagende werking hebben op de ambtenarij'', verwacht Van Aartsen. ,,In verkiezingen gebeurt wat elk systeem nodig heeft om niet corrupt te worden: het wordt op het spel gezet, de kwetsbaarheid van de publieke orde wordt getoond.''

Desgevraagd riep Van Aartsen minister Karla Peijs (Verkeer en Waterstaat) op om ,,volstrekte openheid'' te geven over haar boekhouding. De CDA-minister kwam in opspraak omdat zij als Europarlementslid voor het CDA tussen eind 2001 en begin 2003 gelden van het Europees Parlement, bedoeld om haar medewerkers te betalen, op een privé-rekening had laten overmaken. De minister wil geen inzage geven in bankafschriften en andere documenten.

Volgens de huidige minister van Binnenlandse Zaken, Johan Remkes, is integriteit de belangrijkste voorwaarde voor het vertrouwen tussen burgers en openbaar bestuur. Van de overheid mag een hogere ethische standaard worden verwacht dan van de maatschappij als geheel. ,,Ambtenaren moeten roomser zijn dan de paus.'' De minister pleit voor een landelijke registratie, want ,,dat werkt vertrouwenwekkend en preventief'' en wanneer de inventarisatie van het integriteitsbeleid bij openbaar bestuur en politie ,,lacunes zichtbaar maakt dan moeten die direct gedicht worden''.

Een gebrekkig integriteit betekent, volgens Remkes, ,,rot in het weefsel van de maatschappij''. ,,Zonder integriteit geen gezag, geen gerechtigheid, geen gelijke rechten. Voor de overheid zijn er geen marges, geen gedoogzones.''