Sprintkanon zonder grootspraak

De Italiaanse wielrenner Alessandro Petacchi behaalde gisteren in de vijftiende etappe al weer zijn achtste ritzege in de Ronde van Italië en is daarmee de nieuwe naoorlogse recordhouder. De 30-jarige kopman van Fassa Bortolo won in deze Giro acht sprints en verbeterde de prestaties van drie voorgangers. Roger De Vlaeminck (1975), Freddy Maertens (1977) en Giuseppe Saronni (1980) wonnen in de Giro zeven dagprijzen. Het absolute record is in handen van Alfredo Binda. Deze Italiaan won twaalf etappes in de Giro van 1927.

,,Het is een hele eer'', sprak de bescheiden Petacchi gisteren in finishplaats San Vendemiano. ,,Ik heb iets gepresteerd wat meer dan vijftig jaar niemand is gelukt. Sprinten lijkt op de televisie misschien eenvoudig, maar het is extreem lastig dit kunstje elke dag uit te voeren. De omstandigheden zijn nooit dezelfde. Elke ronde heeft zijn eigen moeilijkheidsgraad. De Giro is voorspelbaarder dan de Tour, waar je nooit zeker bent van een massasprint.''

Petacchi kan het record van Binda in theorie nog verbeteren, maar gezien het zware programma met louter bergetappes moet hij nog een jaar wachten. Hij hoopt zondag nog wel de vlakke slotetappe naar Milaan te winnen. In tegenstelling tot zijn landgenoot Mario Cipollini, die nooit een grote ronde voltooit, wil hij dezer dagen in de Dolomieten zijn gebrek aan klimcapaciteiten camoufleren. Petacchi beseft dat de wedstrijdleiding hem in Milaan graag op het erepodium ziet; en hij wil de tifosi niet teleurstellen.

Zijn beroepsernst bleek vorig jaar al, toen Petacchi zowel de Giro, de Tour als de Vuelta reed. Dit jaar doet hij ook mee aan de Olympische Spelen en past de Vuelta (september) niet in zijn programma. In Athene hoopt hij de kroon op zijn carrière te zetten, maar de kans op een massasprint is niet groot. Elk land mag bij de olympische wegwedstrijd slechts vijf renners opstellen. In de Giro weet hij zich omringd door acht ploeggenoten die hem bijna tot onder het finishdoek uit de wind houden.

Petacchi is geen doorsnee sprinter. Hij slaat bij de teambespreking niet met de vuist op tafel. En hij wringt zich op de fiets niet duwend en trekkend naar het voorste gelid. Hij is ook niet ijdel en geen slechte verliezer bovendien. Hij is de tegenpool van Cipollini, die het leven leidt van een playboy. Deze 37-jarige wielerveteraan bereikte vorig jaar het recordaantal van in totaal 42 ritzeges in de Giro. Hij stapte in de eerste week af en gaf de fakkel door aan zijn beoogde opvolger.

Petacchi, een gediplomeerde scheepsmonteur uit de Italiaanse havenstad La Spezia, is een twijfelaar die zich na een spaarzame nederlaag bij zijn ploeggenoten verontschuldigt voor zijn falen. Hij beschouwt zichzelf nog steeds niet als snelste sprinter ter wereld, hoewel alle statistieken die status bevestigen. Anderen mogen bepalen of hij de numero uno is. Hij is ook geen cowboy die zich met het betere ellebogenwerk in een goede positie manoeuvreert. Hij heeft aan een sleutelbeenbreuk angst voor valpartijen overgehouden. Hij is een veelzijdige sprinter, die op allerlei manieren heeft gezegevierd. De concurrentie heeft zich neergelegd bij zijn suprematie. Hij blijkt ook te kunnen winnen zonder zijn geblesseerde meesterknecht Guido Trenti, hoewel critici vorig jaar anders beweerden.

Met behulp van Trenti boekte Petacchi in 2003 nog een indrukwekkend record. Net als Miguel Poblet (1956) en Pierino Baffi (1958) won hij toen dagprijzen in de drie grote rondes. Hij zegevierde zes keer in de Giro, vier keer in de Tour en vijf keer in de Vuelta. Met dank aan ploegleider Giancarlo Ferretti, die hem overhaalde mee te doen aan de Franse ronde. In de openingsetappe van de Giro had Petacchi naar eigen zeggen een barrière geslecht. Voor het eerst versloeg hij Cipollini in een grote ronde. Hij kreeg bovendien de roze trui omgehangen.

De Italiaanse teambaas Ferretti is een vaderfiguur voor de laatbloeier, die bij gebrek aan goede helpers en begeleiding tot zijn 28ste een bescheiden erelijst had opgebouwd. Hij twijfelde aan alles en iedereen en leek z'n belofte niet te kunnen waarmaken. Als amateur was hem nog een grote toekomst voorspeld. Pas toen hij in 2000 naar Fassa Bortolo overstapte, kreeg hij de rust en het vertrouwen die een sprinter nodig heeft.

Ferretti roemt de bescheidenheid van zijn kopman, ook al rijdt die sinds zijn successen in de Giro van vorig jaar in een Porsche. ,,Ik heb veel luxepaardjes meegemaakt die rare eisen stellen. Alessandro is geen kat met rare sprongen, maar een trouwe hond die eet wat de pot schaft. Hij gedraagt zich als ieder ander in de ploeg. Daarom is iedereen bereid voor hem te rijden. Hij heeft geen vijanden in het peloton.''

    • Jaap Bloembergen