Spotjes, affiches en havendagen

De opkomst bij de Europese Verkiezingen, 10 juni, moet hoger worden dan die van de vorige keer. Alles wordt uit de kast getrokken om Nederland naar de stembus te krijgen.

Wordt Nederland opnieuw een van de hekkensluiters in Europa met een extreem laag opkomstpercentage bij de verkiezingen voor het Europees Parlement van 10 juni? Niet als het aan het kabinet en de politieke partijen ligt. De 29,9 procent van de vorige Europese verkiezingen in 1999, waarmee Nederland op het Verenigd Koninkrijk na als laagste uit de bus kwam, ligt nog vers in het geheugen. Alles wordt in het werk gesteld een herhaling van dat debacle te voorkomen.

Of dat gaat lukken is nog maar de vraag. De jongste peiling van de Eurobarometer begin deze maand zegt dat naar verwachting ten minste 32 procent van de Nederlandse kiezers naar de stembus gaat. Een marginale verbetering ten opzichte van 1999 maar nog altijd minder dan een derde van het electoraat. ,,Ik schat dat de opkomst uiteindelijk tussen 35 en 40 procent zal liggen'', zegt Sjerp van der Vaart, directeur van het bureau van het Europees Parlement in Den Haag.

De meeste partijen pakken de zaak nu anders aan dan vijf jaar geleden, toen de campagnes bewust rustig werden gehouden, omdat het aanzien van de Europese instellingen door een reeks fraudezaken ernstig was geschaad. Ditmaal hameren ze naar hartelust op de onderlinge verschillen. Dat verlevendigt het debat en lokt wellicht meer mensen naar de stembus, hopen ze. ,,Euro-campagnes moeten gepolitiseerd worden'', stelt het Tweede-Kamerlid Van Baalen (VVD). ,,`EU is goed voor u' volstaat niet, het werkt contraproductief.''

Ook europarlementariër Joost Lagendijk (GroenLinks) zoekt de polarisatie. ,,Dat is nu met omstreden kwesties als de Europese grondwet en de eventuele toetreding van Turkije makkelijker dan de vorige keer'', zegt hij. ,,We proberen duidelijk te maken dat het echt verschil uitmaakt of er een links of een rechts Europees Parlement komt.

,,Er zijn dit keer heel veel mensen in beweging gekomen in de partij'', zegt ook Marco Esser, campagne-manager van de PvdA. ,,Ze weten dat er veel op het spel staat: gaat Europa een meer conservatieve richting uit of niet?''

Binnen de PvdA hebben ze na 1999 een nieuw netwerk in het leven geroepen. Zo heeft lijsttrekker Max van den Berg 700 `ambassadeurs' aangesteld in Nederland, enigszins representatieve Nederlanders met wie hij regelmatig contact heeft via e-mail. Ook hebben de PvdA-europarlementariërs elk een eigen regio geadopteerd, Van den Berg bijvoorbeeld de drie noordelijke provincies.

Bij het CDA besloot men de campagne eveneens over een andere boeg te gooien. ,,We hebben gezegd dat we maar eens moesten ophouden het alleen te hebben over de structuur van de Europese Unie. In plaats daarvan moeten we ons richten op Europese kwesties die de mensen direct raken'', zegt het Tweede-Kamerlid Jan Jacob van Dijk. Het gaat om thema's als terrorisme, drugsbeleid, innovatie en milieu. ,,We geloven dat de kloof tussen de kiezer en Brussel met zulke herkenbare thema's kleiner wordt'', aldus campagneleider Joost de Witte.

Toch is het maar de vraag of een kentering in de opkomst via de politieke partijen moet worden bereikt. ,,De belangrijkste les van vijf jaar geleden was: laat de zaak niet aan de politieke partijen over'', stelt Van der Vaart, van het Haagse bureau van het Europees Parlement. Volgens hem wringt de schoen vooral bij de machtige Tweede-Kamerfracties van de partijen. Die hebben de onweerstaanbare neiging het belang van hun eigen positie te onderstrepen, ook al komt al ruim de helft van de wetgeving tegenwoordig uit Brussel. Van der Vaart: ,,Je kunt van een Tweede-Kamerlid niet verwachten dat die tegen anderen zegt: voor de echte besluitvorming moet je niet in Den Haag zijn maar 200 kilometer verderop.''

Europarlementariër Lagendijk deelt deze analyse. ,,Iedereen weet dat dit een probleem is. Er blijft onvermijdelijk een zekere spanning in zitten. Het is moeilijk voor Kamerleden toe te geven dat Brussel belangrijk is. Dat ondergraaft hun positie.''

Van der Vaart kan gerust zijn: ditmaal bemoeien ook veel anderen zich met de aanloop naar de verkiezingen. Een machtige bondgenoot is het kabinet. Het ministerie van Buitenlandse Zaken komt, vooral met het oog op het aanstaande Nederlandse voorzitterschap van de EU, met de campagne `Europa, best belangrijk'. Het ministerie van Binnenlandse Zaken spendeert intussen 1,2 miljoen euro aan een voorlichtingscampagne over het belang van Europa en de verkiezingen voor Nederland. Dat is zo ongeveer een verviervoudiging van het bedrag uit 1999.

Geschrokken van de lage opkomst van toen, besloot het kabinet ditmaal hoger te mikken dan alleen op het rondbazuinen van de datum. ,,We hebben nu meer een opkomst bevorderende doelstelling'', zegt Mark de Boer, woordvoerder van het ministerie van Binnenlandse Zaken. ,,We proberen deze keer ook de houding van de kiezers te beïnvloeden.''

Dat gebeurt deels via televisiespotjes onder de noemer `U komt toch ook'. Daarnaast is er een bescheiden verkiezingskaravaan opgezet, die tot 10 juni door Nederland reist. Een van de gemeentes, die de karavaan aandoet, komende zaterdag tijdens `De Havendagen', is Steenwijkerland. Deze gemeente besloot eerder dit jaar geen aanplakborden ter beschikking te stellen voor affiches van de verkiezingen: te duur. Het ministerie van Binnenlandse Zaken greep meteen naar de telefoon en belde de gemeente onder het motto ,,dan komen we wel langs'', zegt De Boer.

Volgens het landelijke bureau van de Socialistische Partij zijn er meer gemeentes die liever geen borden plaatsen, een trend die tijdens de vorige verkiezingen ook al begon. ,,Europa leeft niet zo op de stadhuizen'', zegt een woordvoerder. ,,Bovendien vinden gemeenten de borden vaak ontsierend. Dat is ook zo: vaak zit er van alles op, tot aan aankondigingen voor paaldanseressen toe. Wij besluiten dan soms liever onze eigen borden te plaatsen.''

Tot zijn tevredenheid constateert Van der Vaart dat niet-gouvernementele instellingen wél ontvankelijker worden voor Europa. ,,FNV Bondgenoten heeft de leden uitdrukkelijk opgeroepen om te gaan stemmen.'' Van der Vaarts eigen bureau organiseert op regionale zenders debatten tussen de lijsttrekkers, er zijn al spotjes in de bioscopen, en artikelen over Europa beschikbaar gesteld aan huis-aan-huisbladen. Bovendien worden, naar het voorbeeld van de kunstenaar Christo, binnenkort de perstoren van de Tweede Kamer in Den Haag, en de Beurs van Berlage in Amsterdam ingepakt.