Persstemmen over Bush

New York Times

Had president Bush een jaar geleden, na de val van Bagdad, zo gesproken, dan had zijn toespraak aan de krijgsschool van de landmacht gisteravond kunnen klinken als een actieplan. Hij kon wijzen op een nieuwe resolutie van de Verenigde Naties, die wordt opgesteld in samenwerking met Amerika's bondgenoten in plaats van tegen hun zin, en op een planning om Irak aan een eigen, gekozen regering te helpen. Hij sprak in algemene bewoordingen over vergroting van de internationale betrokkenheid en over stabilisatie van Irak.

Maar Bush máákte geen nieuw begin; hij sprak na bijna veertien maanden van beleidsmissers – waarvan de president er niet één toegegeven heeft –, die de situatie in Irak steeds gewelddadiger hebben gemaakt en die Washingtons geloofwaardigheid bij het Iraakse volk en de internationale gemeenschap hebben ondermijnd. Die zaten te wachten totdat Bush eens duidelijk een nieuwe weg zou inslaan, maar dat heeft hij gisteravond niet gedaan.

Bush' redevoering gaf wel aan dat hij de laatste tijd wat is teruggekrabbeld, maar er was geen sprake van dat hij de noodzakelijke nieuwe koers uitzette. Zijn ,,vijf stappen'' naar de onafhankelijkheid van Irak waren alleen maar een opsomming van wat er te doen staat. [...]

Het is spijtig dat deze president geen fout, laat staan een mislukking, ooit zal toegeven. Dat is een aspect van Bush' karakter waarmee wij moeten leren leven. Maar wij kunnen niet leven zonder een serieus plan dat méér inhoudt dan alleen maar de overgang van 30 juni passeren en dan doormodderen tot aan de Amerikaanse verkiezingen in november.

Bush heeft nog altijd geen realistisch plan voorgesteld om de militaire operatie te internationaliseren en de politieke groeperingen in Irak eindelijk eens te laten ophouden met knokken om de macht, en hen aan de slag te krijgen om nu werkelijk eens een bruikbare grondwet te ontwerpen.

Op dat punt was de conceptresolutie van de Verenigde Naties die gisteren de ronde deed, teleurstellend vaag. De frasen over internationale steun – bijvoorbeeld een opmerking over een ,,multinationale'' strijdmacht – staan erin, maar zonder enige verplichting voor de Veiligheidsraad om echt iets te doen.

Het concept bevestigt dat er in Irak nog zeker een jaar na 30 juni een door de Amerikanen geleide strijdmacht aanwezig blijft, maar garandeert niet dat andere landen een grotere bijdrage zullen leveren. De resolutie voorziet dat de Verenigde Naties, na de interim-bestuurders te hebben benoemd, behoedzaam zullen opereren, en slechts voor zover de veiligheid het toelaat. [...]

Voor 30 juni heeft de president nog een aantal toespraken op het programma staan. Hopelijk zal hij die benutten om een specifieker plan te presenteren, houdt hij eens op met opsommen wat wij al wisten dat er moet gebeuren, en legt hij uit hoe hij dat denkt te gaan doen.

Erkenning van vergissingen uit het verleden zou aardig zijn. Washington Post

[...] Het slechte nieuws over Irak heeft, in sommige afdelingen van Washington, niet alleen geleid tot gepaste verontrusting maar ook tot paniekgevoelens. Een massa stemmen, sommige afkomstig uit het Congres, hebben verklaard dat de oorlog onherroepelijk is verloren en eisen dat Amerika zijn verlies neemt en de troepen terugtrekt, en snel ook.

Bush heeft gelijk dat hij dit advies naast zich neer wil leggen en nog steeds, zoals hij afgelopen nacht zei, het doel nastreeft om in Irak een ,,vrije, representatieve regering'' te creëren ,,die zijn volk vertegenwoordigt en verdedigt''. Maar het is niet voldoende als Bush de grotere belangen in de oorlog tegen het terrorisme benadrukt, zoals hij gisterenavond deed, of zijn geloof in het verlangen van de Irakezen in een democratie herformuleert.

Het is misleidend om alleen te letten op de problemen die worden veroorzaakt door het islamitische of Ba'ath-terrorisme zolang de Verenigde Staten in Irak ook worden geconfronteerd met ingewikkelde uitdagingen door ethnische verdeeldheid en groeiend anti-Amerikaans nationalisme. [...]

Bush zou overtuigender zijn wanneer hij eerlijk zou toegeven wat er het afgelopen jaar fout is gegaan en wat er aan gedaan kan worden. Niet alleen is er overduidelijk gefaald doordat er onvoldoende troepen zijn gestuurd. Het gaat ook om het vergaren van meer internationale steun en oprechte Iraakse leiders moeten worden gesteund.

Dat geldt ook voor de mishandeling van Iraakse gevangenen door Amerikaanse bewakers en ondervragers, wat Bush nog altijd omschrijft als geïsoleerde daden van individuen, ondanks overduidelijk bewijs dat het systeem zelf heeft gefaald.

Gisteravond beloofde Bush om een nieuwe gevangenis in Irak te bouwen en toestemming aan de Irakezen te vragen om het beruchte Abu Ghraib-gevangeniscomplex af te breken. Maar als Bush de geloofwaardigheid van de Verenigde Staten bij de Irakezen en de bondgenoten van de VS wil herstellen, moet hij afstand doen van het beleid dat heeft geleid tot deze misstanden. Hij benadrukte dat hij meer troepen zou sturen als Amerikaanse gezagsvoerders hierom zouden vragen. Maar hij is de opperbevelhebber. Hij kan en moet die urgente en noodzakelijke beslissing zelf maken.