Nederland `best onbelangrijk'

Het negatief getoonzette stuk van Kees Versteegh over Europa dat voor kiezers als `best onbelangrijk' wordt neergezet (Opinie & Debat, 22 mei), noopt tot een reactie.

Dat het Europees Parlement vrijwel niets te zeggen heeft, heeft zich ten onrechte genetseld in het bewustzijn van veel Europese kiesgerechtigden. De co-decisie procedure die sinds het Verdrag van Maastricht is ingevoerd – en die op steeds meer beleidsterreinen van toepassing is – betekent dat het grootste deel van de Verordeningen en Richtlijnen alleen met toestemming van het Europees Parlement en de Raad tot stand (kunnen) komen. Een positie waarvan menig nationaal parlement alleen maar kan dromen. Hetzelfde geldt voor de benoeming van de voorzitter van de Europese Commissie alsmede de hele Commissie – ook dit kan alleen met toestemming van het Europees Parlement dat de Commissie ook naar huis kan sturen. Bovendien heeft het Europees Parlement verstrekkende controlebevoegdheden met betrekking tot het budget.

Niet Europa, maar Nederland is `best onbelangrijk' en wordt dat steeds meer. Op 1 mei zijn er tien nieuwe lidstaten bij gekomen. Een aantal van deze landen is groter dan Nederland en heeft dus meer stemmen in de Raad dan les Pays Bas. De subsidies die nu nog naar Nederland en de andere oude lidstaten gaan, zullen op termijn allemaal bij de nieuwe lidstaten terechtkomen. Kortom, de focus van de EU zal zich meer naar het Oosten richten. Het is dus voor Nederland – maar evenzo voor België, Luxemburg, Portugal en Griekenland – van levensbelang om zich veel meer op Europa te richten en de weinige invloed die men heeft te bundelen.

Ten tweede de nieuwe Europese Grondwet. De nieuwe Grondwet zal de toekomst van Europa mede bepalen. Voor Europa-critici valt er helaas niet veel meer te veranderen. De lidstaten hebben door de EMU en de euro hun bevoegdheid op dit gebied al aan Brussel ingeleverd – evenals de gehele handelspolitiek met derde staten. Ook op het gebied van interne en externe veiligheid krijgt Europa steeds meer bevoegdheden. De basis voor een Europees leger bestaat al en ook Europol zal bij de criminaliteitsbestrijdig binnen de EU een steeds grotere rol spelen.

Het moge duidelijk zijn: de écht belangrijke beleidsterreinen zijn al lang in de handen van Brussel en de lidstaten moeten genoegen nemen met de peanuts.

Wat te doen?

1. Meer en juiste informatieverstrekking over Europa. De Europese spelregels zijn complex, maar niet onbegrijpelijk. Het is van belang dat alle Europese kiezers lessen in het EU-recht krijgen.

2. De media moeten meer ruimte vrijmaken voor onderwerpen die Europa raken. Aldus blijven lezers, kijkers en luisteraars goed op te hoogte van de ontwikkelingen en beslissingen die in Brussel genomen worden. Een prachtig voorbeeld hiervan is de online krant (http://euobserver.com) die dagelijks vernieuwd wordt.

3. De discussie over wat Europa wel of niet vermag, moet eerlijk gevoerd worden. Plaats dus niet alleen Europa-kritische maar ook Europa-vriendelijke stukken.

Nikolaos Lavranos is universitair docent EU-recht aan de Universiteit van Amsterdam.