De Euro-arrogantie van Bolkestein & co.

Frits Bolkestein heeft vorige week een mooie demonstratie gegeven van zijn geloof in vrijheid en democratie. Hij bereikte, als vertegenwoordiger van de Europese Commissie, een akkoord met de Amerikaanse regering over het doorspelen van een lijst met 34 gegevens voor elke Europese vliegtuigpassagier met bestemming VS. Het Europees Parlement werd hierbij door Bolkestein buitenspel gezet. De meerderheid van het Europees Parlement is tegen het verstrekken van gegevens en heeft de zaak aangekaart bij het Europees Hof, omdat de uitlevering van deze informatie in strijd zou zijn met de privacywetgeving van de Europese Unie.

De Commissie wilde de uitspraak niet afwachten en velde bij monde van Bolkestein alvast haar eigen oordeel: het is geen ,,perfecte'', maar wel een ,,evenwichtige'' oplossing, die een ,,adequate'' bescherming van de privacy garandeert. De huidige lijst met gegevens bevat creditcard- en telefoonnummers, e-mailadressen en gevoelige data waaruit het ras en de religie van de passagier kunnen worden afgeleid. Frappant hierbij is dat de Amerikaanse regering niet het recht heeft om van haar eigen burgers dezelfde gegevens te verzamelen.

Bolkestein toonde alle begrip voor ,,de wetten die het Amerikaanse Congres heeft uitgevaardigd in de begrijpelijke overtuiging dat zij noodzakelijk zijn om de VS te beschermen tegen het terrorisme''. De Europese notie van privacy kon er best voor worden opgerekt. En dat moest ook wel, want anders zou er volgens de Eurocommissaris ,,wettelijke onzekerheid'' ontstaan, met als gevolg een ,,chaos'' voor passagiers en luchtvaartmaatschappijen. De reden hiervoor is dat de Amerikaanse richtlijnen voor het inzamelen van informatie al enige tijd van kracht zijn. Het was dus eigenlijk geen onderhandeling, maar eerder een vriendelijk doch dringend verzoek van Amerikaanse zijde om hier Europese medewerking aan te verlenen.

Toch zouden ook de Amerikanen concessies hebben gedaan. Kennelijk was de kleur ondergoed van de inkomende passagiers uiteindelijk niet meer fundamenteel voor hen, maar aan de overige 34 items viel niet te tornen.

Na afloop wekte Bolkestein de indruk dat hij het hoogst haalbare uit de onderhandelingen had gehaald. Ik zie hem al zitten, aan tafel met de Amerikaanse afgezant die zijn laatste voorstel doet: ,,Here's the deal. Jullie geven ons van elke passagier deze lijst met gegevens. In ruil daarvoor zullen wij die slechts drieëeneenhalf jaar vasthouden en beloven we plechtig de informatie alleen te gebruiken om er terrorisme en zware internationale criminaliteit mee te bestrijden. Bovendien zullen we het aan jullie melden als we de gegevens doorspelen aan derden. Bij weigering kunnen we jullie luchtvaartmaatschappijen een boete geven van 6.000 dollar voor iedere passagier zonder de gewenste persoonsgegevens.''

Bolkestein sprak in zijn politieke vocabulaire over ,,onderhandelingen''; in normaal Nederlands heet het gewoon `chantage'. Niks ernstigs op zichzelf. Chantage is een vast onderdeel van de Amerikaanse buitenlandpolitiek. Maar wat wel ernstig is, is dat de Europese ministers van Buitenlandse Zaken ervoor gezwicht zijn door het akkoord van de Commissie te bezegelen en daarmee openlijk hun gebrek aan respect voor het Europees Hof en het Europees Parlement te tonen.

Waarom zou je nog gaan stemmen als het Europees Parlement niet serieus genomen wordt? Europa is wel `best belangrijk' allemaal, maar blijkbaar niet belangrijk genoeg om de volksvertegenwoordiging enige inspraak te geven als het gaat om het recht van de burgers op privacy.

D66-Europarlementariër Boogerd, die namens het Europees Parlement met de zaak belast is, heeft terecht woedend gereageerd op de ,,arrogante'' houding van de Commissie en de Raad van Ministers. Zij zwoer dat de kwestie bij het Europees Hof zal worden uitgevochten en wordt in dat streven gesteund door grote delen van de centrum-linkse fracties. Als zij en andere vertegenwoordigers er inderdaad in slagen de Europese ministers terug te fluiten, kan dat een welkom precedent scheppen voor een machtiger Europees Parlement.

In de huidige situatie is het Europees Parlement een adviesorgaan dat min of meer vergelijkbaar is met het Nederlandse parlement vóór Thorbecke. Onze volksvertegenwoordiging werd pas na de invoering van diens liberale grondwet verheven tot de spil van de wetgevende macht. Misschien moeten de mensen die zich nu boos maken over de arrogantie van de Raad en de Commissie zich daar ook maar eens hard voor maken tijdens de komende onderhandelingen over de Europese Grondwet. Voor een parlement waarnaar geluisterd wordt. Dan heeft het tenminste nog enig nut om te gaan te stemmen.

De auteur is redactielid van het filosofisch tijdschrift `De Branding'.