`Verbod boek lijfarts Mitterrand was fout'

Acht jaar na dood van de voormalige Franse president François Mitterrand heeft diens lijfarts Claude Gubler alsnog zijn gelijk gehaald. Het verbod dat de Franse rechter in 1996 aan Gubler oplegde voor publicatie van diens boek Le Grand Secret over Mitterrands ziekteproces was in strijd met het Europees verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden. Tot deze conclusie kwam het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg vorige week in de zaak die de uitgeverij Plon had aangespannen tegen de Franse staat.

Ruim een week na het overlijden van Mitterrand op 8 januari 1996 onthulde Gubler dat bij de ex-president al kanker was geconstateerd kort na zijn verkiezing in 1981 en dat het medische team zich veel moeite had moeten getroosten om deze diagnose geheim te houden. Anders gezegd: op gezag van de president loog Gubler over een zaak van publiek belang, de gezondheid van het staatshoofd.

Onmiddellijk kwamen Mitterrands nabestaanden in geweer. Met succes dwongen ze op 18 januari 1996 in kort geding een voorlopig verspreidingsverbod af. Op dat moment waren al 40.000 exemplaren verkocht. Het tijdelijke verbod werd in oktober 1996 omgezet in een definitief verbod, dat in december 1999 in hoger beroep stand hield. Daarop stapte Plon naar Straatsburg.

Het voorlopige verbod was volgens het Straatsburgse hof níet in strijd met het Europese verdrag. Het ging om vertrouwelijke medische gegevens waarvan publicatie zo kort na Mitterrands overlijden diens reputatie buitensporig zou kunnen schaden. Maar voor het definitieve verbod gaat dat argument volgens Straatsburg niet meer op. Na verloop van tijd prevaleert het fundamentele recht op vrijheid van meningsuiting.