Incubus: harde rock voor frisse meisjes

Strikt genomen zou Incubus bij de Amerikaanse nu-metalstroming moeten horen, met het oog op de prominente rol die de scratchende deejay in hun harde rockmuziek speelt. Maar Incubus is veelzijdiger dan dat, zonder dat zanger Brandon Boyd zich hoeft te wagen aan de pogingen tot rap van zijn collega's. Om zijn schelle, vibrerende en wat temerige zang heeft Boyd het een en ander gemeen met de zogenaaamde `emo-stroming' van rockzangers die hun emoties breed uitmeten in harde gitaarherrie. Bij vlagen neigt hij daarin zelfs naar de vocale wervelstorm van Jeff Buckley, al mist hij uiteindelijk de poëtische diepgang om die vergelijking gestand te doen.

Incubus' grootste troef is het fabelachtige basspel van Ben Kenney, de voormalige bassist van rapgroep The Roots, die een authentiek funky basis toevoegt aan muziek die anders veel houteriger zou hebben geklonken. In combinatie met de draaitafelacrobatiek en de bliepende synthesizers van rastaman DJ Kilmore geeft hij kleur aan het bonkende spel van de gespierde drummer Jose Pasillas, die in zijn tien minuten (te) lange drumsolo liet horen dat geen ouderwets rockcliché hem vreemd is.

Het verhaal gaat dat Kenney in zijn The Roots-tijd stiekem Led Zeppelin-riffs oefende. Daarmee is hij zijn funkgevoel gelukkig nog niet verloren. In Ahoy toonde Incubus zich gisteren een band die plezier heeft in veel en lang spelen, zelfs voor een maar half gevulde zaal met het publiek van 18- tot 25-jarigen en voor hardrockbegrippen opvallend veel frisse meisjes. Liever dan volgende week op Pinkpop spelen, organiseerde Incubus een eigen feestje; in festivalverband hadden ze nooit zo langdurig uit kunnen pakken.

Een paar keer ging Incubus de mist in, met de pianoballade Here in my room die verzoop in tegen de achterwand terugketsende galm en het moralistische Megalomaniac waarin Brendan Boyd zichzelf hardop voorhield dat hij niet in het voetspoor van Elvis en Jezus wil treden, waarbij hij intussen wel ijdel met zijn messiaskapsel wapperde. Na twee uur moest worden vastgesteld dat Incubus nog niet over de onontkoombare songs beschikt waarmee ze een massapubliek zouden kunnen inpalmen, zoals U2 indertijd met I will follow of Pearl Jam met Alive. Voorlopig is Boyd een heel gewone zanger op zoek naar een goed lied.

Concert: Incubus. Gehoord: 23/5 Ahoy, Rotterdam.

    • Jan Vollaard