Tussen het spook van de inflatie en de doem van deflatie

Immigranten? Geniet er van, maar laat ze met mate toe. Dat is de boodschap van het Duitse weekblad Wirtschaftswoche over de economische oplossing voor de demografische problemen: de vergrijzing van de bevolking en de daling van het geboortecijfer. Als gevolg daarvan zal het bevolkingscijfer in Duitsland dalen van 83 miljoen tot 70 miljoen mensen in 2050, ondanks de huidige toestroom van 100.000 immigranten per jaar.

Nog meer immigranten welkom heten is volgens het blad geen oplossing. Want om de economie op gang te houden zou Duitsland er zoveel moeten toelaten dat dit tot enorme sociale conflicten zou leiden. Die zou je kunnen vermijden door de immigratie niet verder te laten groeien dan 200.000 personen per jaar, precies genoeg om de vermindering van het arbeidspotentieel af te remmen, zo schat het blad. Daarnaast moeten de Duitsers dan wel bereid zijn langer te werken. En dan is het gedaan met werkweken van 35 uur, prepensioenregelingen en andere sociale weldaden, zo preekt het blad. Het beroept zich onder andere op een studie van de Deutsche Bank, die voorspelt dat het gebrek aan voldoende arbeidskrachten het groeipotentieel van 1,5 procent per jaar zal reduceren tot één procent. De demografische ontwikkeling kan ook leiden tot stagnatie, vreest het blad. Dat gebeurt als er te weinig immigranten komen, de groei van de productiviteit vermindert en de investeringen dalen.

Het blad raadpleegde ook de Amerikaanse econoom Laurence Kotlikov over de gevolgen van de vergrijzing in rijke landen als Duitsland en Amerika. Kotlikov, hoogleraar aan Boston University, vindt dat er maar één oplossing is: drastische belastingverhoging. Gebeurt dat niet dan draait de volgende generatie op voor de schulden van de huidige. Kotlikov: ,,Dan moeten onze kinderen twee keer zoveel belasting en sociale lasten betalen als wij vandaag de dag''. Maar omdat noch de Duitsers, noch de Amerikanen aanstalten maken om de belastingen te verhogen ,,stevenen we af op een situatie die veel zal lijken op de hyperinflatie in het Duitsland van 1923'', voorspelt hij.

Nou, nou, dat is sterk overdreven, meent het Britse weekblad The Economist. De stijging van de inflatie in de Verenigde Staten is meer dan een niemendalletje, maar is nog geen serieus probleem. Dat neemt niet weg dat de prijzen er van januari tot april zijn gestegen van 1,1 tot 1,8 procent. Dat is drie procent op jaarbasis. Als de inflatie alleen zou zijn te wijten aan de goedkopere dollar en de stijging van de olieprijs zou er geen reden tot ongerustheid hoeven te zijn. Het vreemde is echter dat er ondanks de inflatie nog steeds een werkloosheid is van 5,6 procent en dat het bedrijfsleven nog steeds slechts 76,9 procent van de capaciteit gebruikt. Dat de werkloosheid niet daalt komt doordat de productiviteit de afgelopen negen maanden flink is gegroeid zodat de loonkosten daalden. Maar als de groei van de productiviteit terug valt groeit de kans op inflatie, meent het blad.

Hoe het ook zij, de financiële markten rekenen op stijging van de inflatie, evenals de consumenten. Volgens onderzoek van de Universiteit van Michigan verwachten ze dat de inflatie dit jaar met 3,2 procent zal toenemen, vooral als gevolg van de stijgende olieprijs.

Inflatie? Alles wijst er op dat deflatie veel waarschijnlijker is, betogen Robert Prechter en Peter Kendall in het Amerikaanse beursweekblad Barron's. De auteurs zijn beiden verbonden aan Elliot Wave International, een onderzoeksbureau dat gespecialiseerd is in financiële voorspellingen. Karakteristiek voor inflatie is dat de grondstofprijzen snel oplopen, terwijl de beurskoersen dalen, zoals in de periode 1910 tot 1920 en in de jaren zeventig. Op dit moment echter stijgen niet alleen de grondstofprijzen maar ook de beurskoersen. Een soortgelijke ontwikkeling ging vooraf aan de depressie van de jaren dertig in de twintigste eeuw en aan die tussen 1835 en 1837, in combinatie met voortdurende expansie van de kredieten en ongelimiteerd speculeren, precies zoals dat nu ook het geval is. De auteurs zijn er ook helemaal niet gerust op dat Alan Greenspan, de Amerikaanse centrale bankier, op 20 april j.l. bezwoer dat ,,deflatie niet langer aan de orde is''.

Het zal wel meevallen met die inflatie, meent ook het Amerikaanse weekblad BusinessWeek. Weliswaar is de inflatie in de VS nooit helemaal weg geweest, maar in de sector consumentengoederen was er ronduit deflatie, met name in de jaren 2002 en 2003. En in de jaren negentig was er zelfs nog geen serieuze inflatie bij een werkloosheidscijfer van 3,8 procent, terwijl het bedrijfsleven 83 procent van de productiecapaciteit gebruikte. Als je nagaat dat de werkloosheid nu 5,6 procent bedraagt bij een capaciteitsgebruik van maar 77 procent, is de vrees voor inflatie ver gezocht, denkt het blad. Het wijst er verder op dat de Federal Reserve, het stelsel van Amerikaanse centrale banken, de stijging van de olieprijzen eerder ziet als een rem op inflatie dan als een aanjager er van. Maar ja, beseft het blad, dit soort argumenten klinkt waarschijnlijk onzinnig in de oren van de Amerikaanse automobilisten die veertig dollar moeten betalen voor een volle tank.